Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 5 maart 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
5 maart 2013
Datum publicatie
8 april 2013
Zaaknummer
12/00692
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:BZ2960
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR: art. 81 RO.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 17 januari 2012

    ECLI:NL:GHSHE:2012:BV1138
  2. Hoge Raad · 5 maart 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:BZ2960

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 5 maart 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:BZ2960

Uitspraak

5 maart 2013

Strafkamer

nr. S 12/00692

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 17 januari 2012, nummer 20/002232-11, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.G.J. de Rooij, advocaat te Helmond, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 5 maart 2013.