Strafrecht overig

OM-cassatie. Bewijsuitsluiting wegens het ontbreken van de mogelijkheid van een contra-expertise. HR: Op de…

Zaakgegevens

Op 9 juni 2015 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 juni 2015
Datum publicatie
9 juni 2015
Zaaknummer
13/03587
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2015:1496
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

OM-cassatie. Bewijsuitsluiting wegens het ontbreken van de mogelijkheid van een contra-expertise. HR: Op de gronden die zijn vermeld in HR 17 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1451, NJ 2014/341 is het middel terecht voorgesteld.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 19 mei 2015

    ECLI:NL:PHR:2015:843
  2. Hoge Raad · 9 juni 2015deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2015:1496

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

Inhoudsopgave

9 juni 2015

Strafkamer

nr. S 13/03587

AGE/EC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage, nevenzittingsplaats 's-Hertogenbosch, van 23 april 2013, nummer 20/000223-10, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof. Deze heeft bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De raadsman van de verdachte, mr. Th. Boumans, advocaat te Heerlen, heeft het beroep tegengesproken.

De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot verwijzing van de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch teneinde deze op het bestaande hoger beroep opnieuw te berechten en af te doen.

De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van het eerste middel

2.1.

Het middel komt op tegen 's Hofs oordeel dat de in het arrest genoemde stukken van het bewijs dienen te worden uitgesloten wegens het ontbreken van de mogelijkheid van een contra-expertise en dat zulks tot vrijspraak dient te leiden.

2.2.

Op de gronden die zijn vermeld in HR 17 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1451, NJ 2014/341 is het middel terecht voorgesteld.

3 Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het tweede middel geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

verwijst de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 juni 2015.