Strafrecht overig

Poging tot doodslag. HR: art. 80a, zonder schriftelijk standpunt AG.

Zaakgegevens

Op 15 november 2016 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 november 2016
Datum publicatie
15 november 2016
Zaaknummer
15/03669
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:2595
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Poging tot doodslag. HR: art. 80a, zonder schriftelijk standpunt AG.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 16 juli 2015

    ECLI:NL:GHAMS:2015:3550
  2. Hoge Raad · 15 november 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:2595

    Niet ontvankelijk

Uitspraak

Inhoudsopgave

15 november 2016

Strafkamer

nr. S 15/03669

EC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 16 juli 2015, nummer 23/001531-13, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft I.T.H.L. van de Bergh, advocaat te Maastricht, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.


3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 november 2016.