Strafrecht overig
Rolbeslissing Tweede Enkelvoudige Kamer HR. Verzoek tot cassatie in WAHV-zaak afkomstig van het Hof…
Hoge Raad, 11 juli 2017
ECLI:NL:HR:2017:1306 · Hoge Raad · 11 juli 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2017-1306
Zaakgegevens
Op 11 juli 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 juli 2017
- Datum publicatie
- 11 juli 2017
- Zaaknummer
- 17/01299
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:1306
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Rolbeslissing Tweede Enkelvoudige Kamer HR. Verzoek tot cassatie in WAHV-zaak afkomstig van het Hof Arnhem-Leeuwarden. Doorbreking van het gesloten stelsel van rechtsmiddelen? O.g.v. art. 78.1 en 3 Wet RO staat geen cassatieberoep open tegen handelingen en beslissingen van Rb en Hof Arnhem-Leeuwarden in zaken m.b.t. de WAHV. Het verzoek wordt niet in behandeling genomen.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 11 oktober 2016
ECLI:NL:GHARL:2016:8115Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 juni 2017
ECLI:NL:PHR:2017:627Hoge Raad · 11 juli 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:1306
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
11 juli 2017
Strafkamer
Nr. S 17/01299
AGE
Hoge Raad der Nederlanden
Tweede Enkelvoudige Kamer
Rolbeslissing
op het verzoek tot cassatie van een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 11 oktober 2016, nummer WAHV 200.162.470, in de zaak tegen:
[betrokkene] , wonende te [woonplaats].
1 Geding in cassatie
Bij de Hoge Raad is ingekomen een namens de betrokkene ingediend geschrift, houdende een verzoek tot cassatie. Dat geschrift is aan deze beslissing gehecht.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad zal verstaan dat van een beroep in cassatie geen sprake is.
2 Beoordeling van het verzoek
Het verzoek betreft een zaak waarin de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (hierna: WAHV) is toegepast.
Sinds de inwerkingtreding van de Wet van 28 oktober 1999, Stb. 1999, 469, waarbij de WAHV is gewijzigd, staat tegen door de kantonrechter gegeven beslissingen in WAHV-zaken geen cassatieberoep meer open, maar enkel hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Art. 78, eerste en derde lid, van de Wet op de rechtelijke organisatie luidt in dat kader, voor zover hier van belang:
"1. De Hoge Raad neemt kennis van het beroep in cassatie tegen de handelingen, arresten, vonnissen en beschikkingen van de gerechtshoven en de rechtbanken (...)
3. Het eerste lid is (...) niet van toepassing ten aanzien van de handelingen en beslissingen van de rechtbanken en van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in zaken met betrekking tot de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (...)"
Nu beroep in cassatie niet openstaat, kan de betrokkene niet worden ontvangen in het verzoek en moet als volgt worden beslist.
3 Beslissing
De Tweede Enkelvoudige Kamer van de Hoge Raad bepaalt dat het verzoek niet in behandeling wordt genomen.
Deze rolbeslissing is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 juli 2017.