Strafrecht overig

Openlijke geweldpleging, art. 141.1 Sr. Meervoudige kamer Hof bevestigt mondeling vonnis Pr dat is…

Zaakgegevens

Op 16 april 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16 april 2019
Datum publicatie
16 april 2019
Zaaknummer
18/01196
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:616
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Openlijke geweldpleging, art. 141.1 Sr. Meervoudige kamer Hof bevestigt mondeling vonnis Pr dat is aangetekend in p-v tz. e.a. en dat wat betreft inhoud gebezigde b.m. - o.g.v. Regeling aantekening mondeling vonnis - verwijst naar processen-verbaal en geschriften zonder dat inhoud daarvan in vonnis is opgenomen, terwijl raadsman in h.b. vrijspraak heeft bepleit. Art. 359.3 en 423.1 Sv. HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Raadsman in h.b. heeft vrijspraak bepleit. Dit betekent dat bij bevestiging van vonnis Hof gehouden was ter aanvulling van gronden (uitgewerkte) inhoud van gebezigde b.m. in arrest op te nemen. Door dit na te laten is bewezenverklaring niet naar eis der wet voldoende met redenen omkleed. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 5 maart 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:200
  2. Hoge Raad · 16 april 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:616

Uitspraak

Inhoudsopgave

16 april 2019

Strafkamer

nr. S 18/01196

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 13 maart 2018, nummer 23/004108-16, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M. Berndsen, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het eerste middel

2.1.

Het middel klaagt dat het Hof de bewezenverklaring ontoereikend heeft gemotiveerd, omdat het Hof de bewezenverklaring heeft doen steunen op bewijsmiddelen waarvan de inhoud noch in het bestreden arrest noch in het bevestigde vonnis is opgenomen.

2.2.

Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4 tot en met 6 is het middel terecht voorgesteld.

3 Beoordeling van het tweede middel

Gelet op de hierna volgende beslissing behoeft het middel geen bespreking.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 april 2019.