Strafrecht overig
Overschrijding maximumsnelheid met 79 km/u, art. 62 jo. bord A1 RVV 1990. Schriftuur tardief doordat geen…
Hoge Raad, 4 februari 2020
ECLI:NL:HR:2020:163 · Hoge Raad · 4 februari 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2020-163
Zaakgegevens
Op 4 februari 2020 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 februari 2020
- Datum publicatie
- 30 januari 2020
- Zaaknummer
- 18/04367
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:163
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Overschrijding maximumsnelheid met 79 km/u, art. 62 jo. bord A1 RVV 1990. Schriftuur tardief doordat geen mededeling betekening is ontvangen? HR: Op gronden vermeld in de CAG is verdachte n-o. CAG: griffiersbetekening aanzegging in cassatie op juiste wijze geschied. Afschrift verzonden op door raadsman opgegeven adres. Bij ontbreken aanwijzing dat bij de verzending iets is misgegaan moet voorbijgegaan worden aan de enkele – verder niet onderbouwde – stelling dat de mededeling door raadsman nimmer is ontvangen. Samenhang met 18/04371 (niet gepubliceerd).
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 december 2019
ECLI:NL:PHR:2019:1431Hoge Raad · 4 februari 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:163
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 18/04367
Datum 4 februari 2020
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 19 september 2018, nummer 22/004616-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.C. van Paridon, advocaat te Rotterdam, een schriftuur ingediend, die echter pas bij de griffie van de Hoge Raad is ingekomen nadat de daartoe in de wet gestelde termijn was verlopen.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal kan de Hoge Raad het cassatieberoep van de verdachte niet in behandeling nemen.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 februari 2020.