Strafrecht overig

Profijtontneming, w.v.v. (o.m.) uit medeplegen oplichting en deelname aan een criminele organisatie. Middel…

Hoge Raad, 27 oktober 2020

Zaakgegevens

Op 27 oktober 2020 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27 oktober 2020
Datum publicatie
23 oktober 2020
Zaaknummer
20/00360
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:1678
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Profijtontneming, w.v.v. (o.m.) uit medeplegen oplichting en deelname aan een criminele organisatie. Middel over duur gijzeling. HR: art. 80a RO. Samenhang met 20/00194 en 20/00210 (beiden niet gepubliceerd).

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 29 september 2020

    ECLI:NL:PHR:2020:840
  2. Hoge Raad · 27 oktober 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:1678

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 20/00360 P

Datum 27 oktober 2020

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 januari 2020, nummer 20-003582-18, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste

van

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,

hierna: de betrokkene.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze hebben R.J. Baumgardt, P. van Dongen en S. van den Akker, allen advocaat te Rotterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur–generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 oktober 2020.