Strafrecht overig

Beklag, beslag ex art. 94a Sv op loods van klager ten laste van zijn zoon tegen wie strafvervolging is…

Hoge Raad, 19 april 2022

Zaakgegevens

Op 19 april 2022 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 april 2022
Datum publicatie
20 april 2022
Zaaknummer
21/02095
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:581
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Beklag, beslag ex art. 94a Sv op loods van klager ten laste van zijn zoon tegen wie strafvervolging is ingesteld. Wist klager dat loods aan hem was gaan toebehoren om uitwinning ten laste van zijn zoon te bemoeilijken? Anderbeslag ex art. 94a.4 Sv. Middel slaagt op redenen vermeld inHR:2022:579.

Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 21/01451 B.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 8 maart 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:210
  2. Hoge Raad · 19 april 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:581

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/02095 B

Datum 19 april 2022

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 24 februari 2021, nummer RK 010307-20, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend

door

[klager],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1957,

hierna: de klager.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en terugwijzing naar de rechtbank Zeeland-West-Brabant, teneinde op het bestaande beklag opnieuw te worden beoordeeld en afgedaan.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel klaagt over de ongegrondverklaring door de rechtbank van het klaagschrift tot opheffing van beslag op een loods.

2.2

Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak 21/01451, ECLI:NL:HR:2022:579.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van de rechtbank;

- wijst de zaak terug naar de rechtbank Zeeland-West-Brabant, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 april 2022.