Strafrecht overig

Medeplegen diefstal van (elektronisch(e)) gereedschap/apparatuur uit een (bestel)bussen, art. 311 Sr. 1…

Hoge Raad, 4 april 2023

Zaakgegevens

Op 4 april 2023 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 april 2023
Datum publicatie
4 april 2023
Zaaknummer
21/03852
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:530
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Medeplegen diefstal van (elektronisch(e)) gereedschap/apparatuur uit een (bestel)bussen, art. 311 Sr. 1. Bewijsklacht medeplegen. 2. Onvolkomenheid bij beëdiging van één of meer raadsheren van hof ’s-Hertogenbosch die uitspraak hebben gewezen, art. 5.2 en 6.2 Wet RO.

Ad 1. HR: art. 81.1 RO.

Ad 2. Gelet op HR:2022:1438 behoeft dat geen verdere bespreking.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 3 september 2021

    ECLI:NL:GHSHE:2021:2890
  2. Conclusie A-G · 14 februari 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:135
  3. Hoge Raad · 4 april 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:530

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/03852

Datum 4 april 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 3 september 2021, nummer 20-000069-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft C.W. Noorduyn, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De raadsvrouw heeft – na het verstrijken van de in artikel 437 lid 2 Sv bedoelde termijn – bij aanvullende schriftuur nog aan de orde gesteld dat bij de beëdiging van één of meerdere van de raadsheren die de bestreden uitspraak hebben gewezen, zich een onvolkomenheid heeft voorgedaan. Gelet op het arrest dat de Hoge Raad op 21 oktober 2022, ECLI:NL:HR:2022:1438, heeft gewezen, behoeft dat geen verdere bespreking.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 april 2023.