Strafrecht overig
Mishandeling door onbekende vrouw zonder enige aanleiding te duwen en meerdere keren tegen haar lichaam te…
ECLI:NL:HR:2025:1917 · Hoge Raad · 16 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2025-1917
Zaakgegevens
Op 16 december 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 december 2025
- Datum publicatie
- 12 december 2025
- Zaaknummer
- 24/01840
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1917
Samenvatting
Mishandeling door onbekende vrouw zonder enige aanleiding te duwen en meerdere keren tegen haar lichaam te schoppen, art. 300.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten. Kon hof oordelen dat p-v van verhoor van getuige en schriftelijke verklaring van getuige 2 separate bewijsmiddelen zijn en kon hof tot bewezenverklaring van mishandeling komen, nu pijn en letsel bij vrouw ontbreken?
HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Voor bewijs van duwen en schoppen heeft hof gebruik gemaakt van schriftelijke verklaring van getuige, bevindingen van verbalisant over filmpje dat getuige heeft gemaakt en verklaring van verdachte zelf. Aan het voor bewijs gebruikte p-v van verhoor van getuige, dat inhoudelijk slechts verwijst naar de voor bewijs gebruikte brief van getuige, komt weinig zelfstandige betekenis toe. Er bestaat echter geen rechtsregel die meebrengt dat dit p-v niet als separaat b.m. mag worden gebruikt. B.m. houden in dat verdachte die dag ruzie had met vrouw. Verdachte verklaart dat hij haar heeft geduwd. Getuige bevestigt dat en verklaart bovendien dat verdachte de vrouw meermalen heeft geschopt. Dat wordt ondersteund door beschrijving van verbalisant van camerabeelden die getuige heeft gemaakt. Hof heeft die schoppen aangemerkt als rake schoppen. Naar aanleiding van opmerking van raadsman dat op camerabeelden niet is te zien dat met kracht raak wordt geschopt heeft hof (na camerabeelden zelf te hebben gezien) overwogen geen reden te hebben om aan juistheid van vermelding van feitelijkheden weergegeven in relaas van verbalisant te twijfelen. Hof heeft vervolgens geoordeeld dat in aard van handelingen van verdachte (meerdere keren opzettelijk gewelddadig (raak) schoppen tegen lichaam van onbekende vrouw) besloten ligt dat daarmee vrouw pijn moet zijn toegebracht. Dat schoppen pijn doet, heeft hof kennelijk aangemerkt als feit van algemene bekendheid dat geen bewijs behoeft. Dat oordeel getuigt niet van onjuiste rechtsopvatting en is evenmin onbegrijpelijk. Evenmin onbegrijpelijk is dat hof heeft overwogen dat bevestigend antwoord van vrouw op vraag van getuige of het goed met haar gaat en opmerking dat zij niet gewond is, dat niet anders maken.
Volgt verwerping.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 1 mei 2024
ECLI:NL:GHSHE:2024:1623Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 11 november 2025
ECLI:NL:PHR:2025:1030Hoge Raad · 16 december 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1917
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/01840
Datum 16 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 mei 2024, nummer 20-002410-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat D. Marcus bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring.
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025.