Strafrecht overig
Medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr) en medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1…
ECLI:NL:HR:2025:1935 · Hoge Raad · 16 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2025-1935
Zaakgegevens
Op 16 december 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 december 2025
- Datum publicatie
- 15 december 2025
- Zaaknummer
- 24/01690
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1935
Samenvatting
Medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr) en medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr). Vrijspraak in eerste aanleg t.z.v. diefstal met geweld. Bewijsklachten medeplegen. HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Oordeel hof dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van feiten is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd, gelet op vaststellingen van hof over rol van verdachte in voorbereiding en uitvoering van feiten.
Volgt verwerping. Samenhang met 24/01650 en 24/01752.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 24 april 2024
ECLI:NL:GHARL:2024:2811Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 11 november 2025
ECLI:NL:PHR:2025:1218Hoge Raad · 16 december 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1935
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/01690
Datum 16 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 april 2024, nummer 21-003403-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De cassatiemiddelen klagen over (de motivering van) het bewezenverklaarde.
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025.