Civiel recht overig
Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad, 13 oktober 2000
ECLI:NL:PHR:2000:AA7483 · Parket bij de Hoge Raad · 13 oktober 2000
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/ecli-nl-phr-2000-aa7483
Zaakgegevens
Op 13 oktober 2000 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 oktober 2000
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C00/165HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2000:AA7483
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 13 oktober 2000
ECLI:NL:HR:2000:AA7483Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 oktober 2000deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2000:AA7483
Conclusie
Zitting 30 juni 2000
Rolnr. C 00/165 HR
mr Spier
Conclusie
inzake
ING Bank NV (hierna: ING)
tegen
Stichting Toezicht Effectenverkeer (hierna: STE)
Edelhoogachtbaar College,
1. Bij dagvaarding van 12 april 2000 heeft ING STE opgeroepen om te verschijnen ter terechtzitting van de Hoge Raad van 12 mei 2000.
2. Blijkens de rolkaart en - naar ik begrijp - het herstelexploit van 31 mei 2000 is deze zaak niet ingeschreven voor de rol van 12 mei 2000. De zaak heeft dan ook niet gediend.
3. Bij het onder 2 genoemde exploit heeft ING getracht het verzuim te herstellen door STE op te roepen voor de zitting van 9 juni 2000. De zaak is toen wél ingeschreven. STE is niet verschenen.
4. Ingevolge de rechtspraak van Uw Raad moet in gevallen als de onderhavige de hernieuwde oproep plaatsvinden binnen veertien dagen na de oorspronkelijke rechtsdag.1 In casu is de dagvaarding na meer dan veertien dagen uitgebracht. Dat is te laat. Door ING zijn in het herstelexploit geen redenen aangevoerd - en zij zijn ook moeilijk te bevroeden - waarom deze termijn in casu te kort was en daarom redelijkerwijs niet kon worden gehaald.2
5. Het verstek zal dan ook moeten worden geweigerd.
Conclusie
Deze conclusie strekt tot weigering van het verstek.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
wnd.
O.m. HR 17 december 1982, NJ 1984, 59 WHH. Zie nader Hugenholtz/Heemskerk (19e dr) nr 58.
2 Het in noot 1 genoemde arrest laat de mogelijkheid open dat een langere termijn geldt.