Civiel recht overig
Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2001
ECLI:NL:PHR:2001:AA9432 · Parket bij de Hoge Raad · 12 januari 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/ecli-nl-phr-2001-aa9432
Zaakgegevens
Op 12 januari 2001 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 januari 2001
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C99/120HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2001:AA9432
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 12 januari 2001
ECLI:NL:HR:2001:AA9432Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 12 januari 2001deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2001:AA9432
Conclusie
Mr. Hartkamp
nr. C99/120HR
zitting 20 oktober 2000
Conclusie inzake
[Eiseres]
tegen
[Verweerder]
Edelhoogachtbaar College,
De klachten van onderdeel I van het tijdig voorgestelde cassatiemiddel acht ik terecht voorgesteld. Indien de rechtbank de in het onderdeel geciteerde passages over het hoofd heeft gezien, heeft zij een essentiële stelling gepasseerd. Indien zij van oordeel was dat die uitlatingen niet kunnen worden beschouwd als het voldoen door [eiseres] aan haar mededelingsplicht met betrekking tot het bestaan van de exploitatiebeperkingen, is dat oordeel m.i. zonder nadere motivering onbegrijpelijk.
Onderdeel II mist m.i. feitelijke grondslag. Uit het vonnis blijkt niet dat de rechtbank de grondslag van de door [verweerder] in reconventie ingestelde schadevergoedingsvordering anders heeft opgevat dan zij door [verweerder] is bedoeld. Schending van een mededelingsplicht kan, afhankelijk van de omstandigheden, zowel een beroep op dwaling als een beroep op een toerekenbare tekortkoming rechtvaardigen. Zie de conclusie voor HR 13 nov. 1998, NJ 1999, 72. De reconventionele vordering kan na verwijzing nog integraal aan de orde komen.
Conclusie
De conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden vonnis voor zover het de door onderdeel 1 bestreden beslissing betreft en tot verwijzing van de zaak ter verdere behandeling en beslissing.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
(Advocaat-Generaal)