Civiel recht overig
Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad, 2 november 2001
ECLI:NL:PHR:2001:AB2778 · Parket bij de Hoge Raad · 2 november 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/ecli-nl-phr-2001-ab2778
Zaakgegevens
Op 2 november 2001 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 2 november 2001
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C00/019HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2001:AB2778
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 2 november 2001
ECLI:NL:HR:2001:AB2778Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 november 2001deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2001:AB2778
Conclusie
Mr. A.S. Hartkamp
nr. C00/019HR
zitting 22 juni 2001
Conclusie inzake
[Eiseres]
tegen
Stichting Woningstichting De Combinatie
Edelhoogachtbaar College,
Uw Raad heeft bij arrest van 27 febr. 1998, NJ 1998, 765 wegens motiveringsgebreken het vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam vernietigd, waarbij was beslist dat de kantonrechter terecht de vordering van de eiseres tot cassatie ([eiseres]) had afgewezen. Die vordering was gebaseerd op de stellingen dat de Combinatie (verweerster in cassatie) zich jegens haar niet als een goed werkgeefster had gedragen, als gevolg waarvan zij arbeidsongeschikt was geworden, en dat het haar verleende ontslag kennelijk onredelijk was.
Na verwijzing heeft het Gerechtshof te Den Haag bij arrest van 7 oktober 1999 de grieven tegen het vonnis van de kantonrechter verworpen en dat vonnis bekrachtigd.
[Eiseres] heeft tegen dat arrest tijdig beroep in cassatie ingesteld en een uit vier onderdelen opgebouwd middel van cassatie aangevoerd. De Combinatie heeft tot verwerping van het beroep geconcludeerd, waarna partijen de zaak schriftelijk hebben toegelicht.
Het middel bestaat uit motiveringsklachten. De klachten falen m.i. omdat het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk is. Waar het middel klaagt dat het hof niet is ingegaan op bepaalde stellingen, faalt het reeds omdat niet wordt aangegeven waar die stellingen in de gedingstukken te vinden zijn.
Conclusie
De conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden