Civiel recht overig

Verbintenissenrecht. Schadevordering na fraude (81 RO). Cassatie, aan middel te stellen eisen.

Parket bij de Hoge Raad, 5 juni 2009

Zaakgegevens

Op 5 juni 2009 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
5 juni 2009
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
08/02581
ECLI
ECLI:NL:PHR:2009:BH7860
E-mail

Samenvatting

Verbintenissenrecht. Schadevordering na fraude (81 RO). Cassatie, aan middel te stellen eisen.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 5 juni 2009

    ECLI:NL:HR:2009:BH7860
  2. Conclusie A-G · 5 juni 2009deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2009:BH7860

Conclusie

08/02581

mr. J. Spier

Zitting 20 maart 2009 (bij vervroeging)

Conclusie inzake

[Eiser]

tegen

Subaru Benelux BV

(hiena Subaru)

1. Subaru heeft onder meer [eiser] in rechte aangesproken wegens - kort gezegd - betrokkenheid bij een fraude waardoor zij schade heeft geleden. De Rechtbank Rotterdam heeft de vordering toegewezen. Dat vonnis is door het Haagse Hof bekrachtigd. Het Hof baseert zich daarbij onder meer op verklaringen van [eiser] afgelegd ten overstaan van de politie en een uitlating bij mvg. Onder de door het Hof geschetste - naar [eiser], blijkens zijn eigen stellingen, onderkende - zeer verdachte omstandigheden had [eiser] moeten nagaan of de door hem betaalde bedragen daadwerkelijk door Subaru waren ontvangen.

2. De middelen komen er naar de kern genomen op neer dat het Hof onvoldoende is gaan sprokkelen in het dossier. Deze klacht mislukt omdat a) de door het Hof genoemde gronden - die als zodanig niet worden bestreden - zijn oordeel kunnen dragen en b) niet wordt vermeld waar in de gedingstukken aandacht is gevraagd voor de passages in het Ernst & Young-rapport en het p.v. van politie waarop thans beroep wordt gedaan.

3. Voor zover de middelen nog meer of andere klachten proberen te ventileren zijn deze onbegrijpelijk.

Conclusie

Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep met toepasssing van art. 81 RO.

De Procureur-Generaal bij de

Hoge Raad der Nederlanden,

Advocaat-Generaal