Civiel recht overig

Cassatieberoep niet-ontvankelijk; overschrijding cassatietermijn van art. 402 lid 2 jo. 339 lid 2 Rv.

Zaakgegevens

Op 23 maart 2012 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
23 maart 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/04122
ECLI
ECLI:NL:PHR:2012:BV0638
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Cassatieberoep niet-ontvankelijk; overschrijding cassatietermijn van art. 402 lid 2 jo. 339 lid 2 Rv.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 23 maart 2012

    ECLI:NL:HR:2012:BV0638
  2. Conclusie A-G · 23 maart 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2012:BV0638

Conclusie

10/04122

Mr. L. Timmerman

Zitting: 6 januari 2012

Conclusie inzake:

Framroad Ltd.

eiseres tot cassatie,

(hierna: Framroad)

Tegen

[Verweerder]

verweerder in cassatie,

Dit cassatieberoep is een vervolg op een op 23 januari 2009 door de Hoge Raad gewezen arrest.(1) In die cassatieprocedure stond de vraag centraal of de niet op schrift gestelde arbeidsovereenkomst tussen [verweerder] en H.W. Gerhardt (hierna: Gerhardt) arbeidsovereenkomst is in de zin van art. 8:211 onder b BW gelet op het vereiste in art. 398 lid 1 K. dat een arbeidsovereenkomst tussen een zeewerkgever en een schepeling op straffe van nietigheid schriftelijk moet worden aangegaan. De Hoge Raad beantwoordde deze vraag bevestigend. In het voorliggende cassatieberoep ligt de vraag voor wanneer een vordering "in rechte geldend" is gemaakt in de zin van art. 8:219 BW en, in dat verband, jegens wie de schuldeiser zijn vordering in rechte geldend moet hebben gemaakt, wil de vervaltermijn ex art. 8:219 BW gestuit zijn. Aan bespreking van deze vraag kan m.i. worden niet toegekomen, omdat niet tijdig in cassatie is opgekomen tegen het te bestrijden arrest. Het betreft hier een kortgedingprocedure. Ingevolge art. 402 lid 2 juncto 339 lid 2 Rv bedraagt de cassatietermijn acht weken. Het bestreden arrest dateert van 18 mei 2010. De cassatiedagvaarding is eerst op 17 augustus 2010 uitgebracht, (ruimschoots) na het verstrijken van de cassatietermijn. Om die reden dient Framroad niet-ontvankelijk te worden verklaard. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van Framroad in zijn cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

A-G

1 LJN BG3588, NJ 2009, 71.