Civiel recht overig
Cassatie. Niet-ontvankelijkheid in verband met overschrijding cassatietermijn in kort geding; art. 339 lid 2…
Parket bij de Hoge Raad, 26 april 2013
ECLI:NL:PHR:2013:BZ5362 · Parket bij de Hoge Raad · 26 april 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/ecli-nl-phr-2013-bz5362
Zaakgegevens
Op 26 april 2013 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 april 2013
- Datum publicatie
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- 12/04382
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2013:BZ5362
Samenvatting
Cassatie. Niet-ontvankelijkheid in verband met overschrijding cassatietermijn in kort geding; art. 339 lid 2, 402 lid 2 Rv.
Procesgang
Hoge Raad · 26 april 2013
ECLI:NL:HR:2013:BZ5362Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 april 2013deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2013:BZ5362
Conclusie
12/04382
Mr. F.F. Langemeijer
8 februari 2013
Conclusie inzake:
Stichting Berregratte
tegen
[Verweerder]
1. In deze zaak wordt volstaan met een verkorte conclusie. Het onderhavige kort geding is de Hoge Raad bekend uit HR 20 mei 2011 (LJN: BP6591), NJ 2011/240. Bij dat arrest heeft de Hoge Raad de zaak verwezen naar het gerechtshof te Arnhem ter verdere behandeling. Bij arrest van 8 mei 2012 heeft het hof het vonnis van de voorzieningenrechter van 27 september 2007 gedeeltelijk vernietigd, bepaald dat de in eerste aanleg getroffen voorzieningen geen werking meer hebben na 31 december 2007 en de dwangsomsanctie aan een maximum gebonden.
2. Bij dagvaarding, betekend op 7 augustus 2012, heeft de Stichting beroep in cassatie ingesteld. Tegen [verweerder] is in cassatie verstek verleend.
3. Op grond van art. 402 lid 2 in verbinding met art. 339 lid 2 Rv bedraagt de termijn voor een cassatieberoep tegen een uitspraak in appel in kort geding acht weken. De cassatietermijn verstreek op 3 juli 2012. Hieruit volgt dat het cassatieberoep te laat is ingesteld.
4. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de Stichting in haar cassatieberoep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
a. - g.