Insolventierecht
WSNP. Afwijzing verzoek tot definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling op grond van art. 287 lid 2…
Parket bij de Hoge Raad, 27 februari 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BG9914 · Parket bij de Hoge Raad · 27 februari 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/ecli-nl-phr-2009-bg9914
Zaakgegevens
Op 27 februari 2009 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 27 februari 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/03480
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2009:BG9914
Samenvatting
WSNP. Afwijzing verzoek tot definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling op grond van art. 287 lid 2 F. wegens niet-nakoming door de schuldenaar van de verplichting om de in art. 285 lid 1 sub f bedoelde verklaring bij het verzoekschrift te voegen (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 27 februari 2009
ECLI:NL:HR:2009:BG9914Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 27 februari 2009deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2009:BG9914
Conclusie
08/03480
mr. L. Timmerman
Parket, 30 december 2008
Conclusie inzake:
[Verzoeker]
Verzoeker tot cassatie
Verkorte conclusie
1. Het hof heeft bij arrest van 6 augustus 2008 in hoger beroep met zaaknummer HV 200.008.351/01, de beschikking van de rechtbank , waarin de rechtbank [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaart in zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, bekrachtigd.
2. Tegen het hiervoor vermelde arrest heeft [verzoeker] bij verzoekschrift -tijdig(1)- cassatieberoep ingesteld.
3.1 Het verzoekschrift bevat 3 cassatiemiddelen.
3.2 De in het eerste en tweede cassatiemiddel opgeworpen klachten miskennen dat het verzoekschrift niet aan de daaraan gestelde eisen voldoet indien de in artikel 285 lid 1 Fw bedoelde informatie ontbreekt. In het geval de ingevolge artikel 285 lid 1 Fw vereiste informatie ontbreekt, brengt artikel 287 lid 2 Fw met zich mee dat de rechter een verzoek tot schuldsanering niet kan toewijzen(2). Op de schuldenaar rust de verplichting om de in art. 285 lid 1 sub f bedoelde verklaring te verkrijgen en bij zijn verzoekschrift te voegen en aan de rechtbank te verstrekken. Gelet op de omstandigheden die het Hof in rov. 4.5.7, 4.5.8. en 4.5.9. in aanmerking neemt, is het oordeel van het Hof dat aangenomen moet worden dat het niet-afgeven van de bedoelde verklaring te wijten is aan [verzoeker], begrijpelijk. Hieruit volgt dat het eerste en tweede cassatiemiddel falen.
3.3 Het derde cassatiemiddel mist belang en faalt daarom.
4. Conclusie
Ik concludeer tot verwerping van het cassatieberoep.
De procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
1 Het verzoekschrift is per fax ingediend en 12 augustus 2008 op de griffie van de Hoge Raad ontvangen.
2 Zie ook de toelichting bij artikel 285 in Kamerstuk 2004-2005, 29942, nr. 3, TK