Strafrecht overig
Eisen aan cassatiemiddel over redelijke termijn. De schriftuur voldoet niet aan eisen gesteld aan een…
ECLI:NL:PHR:2003:AN7650 · Parket bij de Hoge Raad · 16 december 2003
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2003-an7650
Zaakgegevens
Op 16 december 2003 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 december 2003
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 00248/03
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2003:AN7650
Samenvatting
Eisen aan cassatiemiddel over redelijke termijn. De schriftuur voldoet niet aan eisen gesteld aan een cassatiemiddel, nu daarin niet wordt geklaagd over een jegens de verdachte gemaakte inbreuk op art. 6 lid 1 EVRM, doch slechts over de mogelijkheid van een dergelijke inbreuk.
Procesgang
Hoge Raad · 16 december 2003
ECLI:NL:HR:2003:AN7650Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 16 december 2003deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2003:AN7650
Conclusie
Nr. 00248/03
Mr Fokkens
Zitting: 4 november 2003
Conclusie inzake:
[verdachte]
1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot drie jaren gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met onttrekking aan het verkeer van een revolver. Voorts heeft het Hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en een schadevergoedingsmaatregel opgelegd.
2. Tegen deze uitspraak heeft verdachte cassatieberoep doen instellen.
3. Namens verdachte heeft mr W. Bos, advocaat te Eindhoven, een middel van cassatie voorgesteld.
4. Het middel klaagt dat de redelijke termijn in de cassatiefase is overschreden, te weten de inzendtermijn. Dat is juist. Nadat op 8 mei 2002 cassatieberoep was ingesteld, zijn de stukken op 5 februari 2003 ingekomen ter griffie van de Hoge Raad. Dit tijdsverloop betekent, behoudens bijzondere omstandigheden, dat de redelijke termijn is overschreden. Dit moet leiden tot strafvermindering.
5. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de bestreden uitspraak zal vernietigen doch uitsluitend ten aanzien van de strafoplegging, zelf de straf zal verminderen, en het beroep voor het overige zal verwerpen.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
plv.