Strafrecht overig
Beklag ex art. 552a Sv. De uitspraak van de epr van 9-12-05, waarbij een beslissing is genomen omtrent de in…
Parket bij de Hoge Raad, 23 januari 2007
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560 · Parket bij de Hoge Raad · 23 januari 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2007-az3560
Zaakgegevens
Op 23 januari 2007 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 23 januari 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 00059/06 B
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560
Samenvatting
Beklag ex art. 552a Sv. De uitspraak van de epr van 9-12-05, waarbij een beslissing is genomen omtrent de in het klaagschrift bedoelde voorwerpen, is onherroepelijk geworden. Gelet daarop dient klaagster wegens gebrek aan belang niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar cassatieberoep tegen een beschikking van de rb van 4-10-05 waarbij het klaagschrift strekkende tot teruggave van inbeslaggenomen voorwerpen niet-ontvankelijk is verklaard.
Procesgang
Hoge Raad · 23 januari 2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ3560Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 23 januari 2007deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560
Conclusie
Nr. 00059/06 B
Mr. Vellinga
Zitting: 28 november 2006
Conclusie inzake:
[Klaagster]
1. De Rechtbank heeft het door klaagster ingediende beklag strekkende tot teruggave aan haar van inbeslaggenomen voorwerpen, niet-ontvankelijk verklaard.
2. Namens verdachte heeft mr. M.A.I. Witlox, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.
3. Bespreking van dat middel kan gelet op het navolgende achterwege blijven.
4. De bestreden beschikking is uitgesproken op 4 oktober 2005 en heeft betrekking op - kort gezegd - een beklag gericht tegen het uitblijven van een last tot teruggave aan klaagster van diverse voorwerpen, omschreven als etnografica.
5. De Economische Politierechter heeft bij vonnis van 9 december 2005 een beslissing genomen over de inbeslaggenomen goederen waarop het klaagschrift betrekking heeft. Die beslissing houdt in dat van een deel van de inbeslaggenomen voorwerpen de verbeurdverklaring is gelast, dat een deel onttrokken aan het verkeer is verklaard en dat van een ander deel de teruggave aan klaagster is gelast. Tegen dat vonnis is - blijkens inlichtingen van de griffier van de Rechtbank - geen rechtsmiddel ingesteld zodat het inmiddels onherroepelijk is geworden.
6. Nu inmiddels een onherroepelijke beslissing met betrekking tot het beslag is genomen, heeft klaagster geen belang meer bij dit cassatieberoep, zodat zij daarin niet-ontvankelijk verklaard zal moeten worden.(1)
7. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klaagster in haar cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
1 Vgl. HR 14 december 2004, LJN AR2036 en HR 30 augustus 2005, LJN AT7095