Strafrecht overig
Overschrijding redelijke termijn in cassatie.
ECLI:NL:PHR:2010:BK8509 · Parket bij de Hoge Raad · 16 februari 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2010-bk8509
Zaakgegevens
Op 16 februari 2010 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 februari 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/02423
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2010:BK8509
Samenvatting
Overschrijding redelijke termijn in cassatie.
Procesgang
Hoge Raad · 16 februari 2010
ECLI:NL:HR:2010:BK8509Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 16 februari 2010deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2010:BK8509
Conclusie
Nr. 08/02423
Mr Jörg
Zitting 22 december 2009
Conclusie inzake:
[Verzoeker = verdachte]
1. Verzoeker is door het gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, bij arrest van 20 mei 2008 wegens deelneming aan een criminele organisatie en het meermalen medeplegen van uitvoer van hard- en softdrugs veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaren en zes maanden. Voorts heeft het hof beslissingen genomen over in beslag genomen voorwerpen. Daarnaast heeft het hof de tenuitvoerlegging gelast van de eerder bij vonnis van de rechtbank te Alkmaar van 29 augustus 2006 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.
2. Deze zaak hangt samen met de ontnemingszaak tegen verzoeker met griffienummer S 08/02425 waarin ik heden eveneens concludeer.
3. Namens verzoeker heeft mr. M.M.A.J. Goris, advocaat te Almelo, bij schriftuur één middel van cassatie voorgesteld.
4. Het middel klaagt over schending van art. 6, eerste lid, EVRM in cassatie, doordat de termijn voor het inzenden van de stukken naar de Hoge Raad is overschreden.
5. Namens verzoeker, die zich in voorlopige hechtenis bevindt, is op 28 mei 2008 beroep in cassatie ingesteld. De processtukken zijn op 27 mei 2009 ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. Dit betekent dat de zes-maandentermijn waarbinnen de stukken naar de Hoge Raad moeten worden ingezonden ruimschoots is overschreden. Het middel is dus terecht voorgesteld.
6. Ambtshalve merk ik op dat ook de termijn van zestien maanden waarbinnen de cassatieprocedure behoort te zijn afgerond inmiddels is overschreden. Dit alles moet leiden tot strafvermindering.
7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak doch uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging, en tot vermindering daarvan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G