Strafrecht overig
Motivering strafoplegging. Het behoort tot de taak van de rechter die heeft te beslissen omtrent de in de…
Parket bij de Hoge Raad, 7 juni 2011
ECLI:NL:PHR:2011:BP9352 · Parket bij de Hoge Raad · 7 juni 2011
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2011-bp9352
Zaakgegevens
Op 7 juni 2011 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 juni 2011
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/04049
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2011:BP9352
Samenvatting
Motivering strafoplegging. Het behoort tot de taak van de rechter die heeft te beslissen omtrent de in de art. 348 en 350 Sv vermelde vragen, daarbij slechts te oordelen op de grondslag van hetgeen aan verdachte is tenlastegelegd en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in diens zaak. Het Hof heeft dan ook ten onrechte bij zijn oordeel omtrent de strafoplegging betrokken dat “het (…) het Hof ambtshalve bekend (is), uit eerdere strafzaken van verdachte in hoger beroep, dat verdachte één en andermaal heeft verklaard niet voornemens te zijn Nederland te verlaten of daartoe pogingen te ondernemen.”
Procesgang
Hoge Raad · 7 juni 2011
ECLI:NL:HR:2011:BP9352Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 juni 2011deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2011:BP9352
Conclusie
Nr. 09/04049
Mr. Vellinga
Zitting: 15 maart 2011
Conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens "Als vreemdeling in Nederland verblijven, terwijl hij weet dat hij op grond van een wettelijk voorschrift tot ongewenst vreemdeling is verklaard" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden.
2. Namens verdachte heeft mr. A.B. Baumgarten, advocaat te 's-Gravenhage, één middel van cassatie voorgesteld.
3. Door bij de strafoplegging in aanmerking te nemen hetgeen het Hof uit eerdere strafzaken van de verdachte in hoger beroep ambtshalve bekend is, namelijk dat de verdachte één en andermaal heeft verklaard niet voornemens te zijn Nederland te verlaten of daartoe pogingen te ondernemen, en dit ter terechtzitting niet ter sprake te brengen heeft het Hof niet beslist "naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting" (art. 350 Sv). Daarover klaagt het middel terecht.(1)
4. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.
5. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Hof dan wel verwijzing van de zaak naar een aangrenzend Hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
1 Zie onder meer HR 25 januari 2011, LJN BO6751.