Strafrecht overig

Herziening. Persoonsverwisseling. Aanvraag gegrond.

Zaakgegevens

Op 12 maart 2013 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
12 maart 2013
Datum publicatie
8 april 2013
Zaaknummer
12/02587 H
ECLI
ECLI:NL:PHR:2013:BZ3631
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Herziening. Persoonsverwisseling. Aanvraag gegrond.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 12 maart 2013

    ECLI:NL:HR:2013:BZ3631
  2. Conclusie A-G · 12 maart 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2013:BZ3631

Conclusie

Nr. 12/02587 H

Mr. Hofstee

Zitting: 15 januari 2013

Conclusie inzake:

[Aanvrager]

1. Bij in kracht van gewijsde gegaan vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Amsterdam van 30 oktober 2009 met parketnummer 13/855215-09, is de aanvrager wegens "diefstal, gevolgd van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren" bij verstek veroordeeld tot gevangenisstraf voor de duur van vier maanden, waarvan één maand voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft de Politierechter de teruggave gelast van twee inbeslaggenomen videobanden, een en ander zoals in het vonnis is vermeld.

2. Namens de aanvrager heeft mr. J. Nijssen, advocaat te Amsterdam, een aanvrage tot herziening van voornoemd vonnis van de Politierechter ingediend.

3. De aanvrage is voorzien van bijlagen en berust op de stelling dat er sprake is van een persoonsverwisseling, nu de aanvrager niet de persoon is geweest die het in het bovengenoemde vonnis bewezenverklaarde feit heeft begaan.

4. Ter staving van deze stelling zijn bij de aanvrage onder meer de navolgende stukken overgelegd:

i) een brief van de officier van justitie te Amsterdam van 16 januari 2012, gericht aan mr. Nijssen voornoemd (productie 6). Volgens deze brief is aannemelijk geworden dat de personalia van verzoeker in de strafzaak met parketnummer 13/855215-09 door een ander zijn gebruikt en heeft de officier van justitie om die reden de tenuitvoerlegging van de strafzaak stopgezet en ter verjaring opgelegd alsmede de Centrale Justitiële Documentatiedienst verzocht de justitiële documentatie van verzoeker te schonen (aan welk verzoek blijkens een schrijven van de directeur van de Justitiële informatiedienst van 23 januari 2012 is voldaan; eveneens productie 6).

(ii) een proces-verbaal van relaas met nummer 2011196643-1 opgemaakt door verbalisant [verbalisant 1] op 2 augustus 2011, inhoudende de volgende resultaten van een onderzoek betreffende het Justitieel Documentatieregister naar de daarin opgenomen zaken op naam van [aanvrager] (productie 5). Uit de politieadministratie is niet gebleken op welke wijze identificatie heeft plaatsgevonden in de strafzaak met parketnummer 13/855215-09. Vermoedelijk is de identificatie geverifieerd aan de hand van een [betrokkene 1] betreffende politiefoto die is opgenomen bij de HKS gegevens van [aanvrager]. Na aanhouding is niet een dactyloscopisch signalement vervaardigd.

5. Gelet op de inhoud van bovenvermelde stukken heb ik geen aanleiding gezien om enig nader onderzoek naar de feiten te doen verrichten. Mijns inziens doet het voorgaande al het ernstige vermoeden ontstaan dat de Politierechter bij bekendheid met deze omstandigheden de aanvrager zou hebben vrijgesproken.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de aanvrage tot herziening gegrond zal verklaren, voor zover nodig de opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van voormeld vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Amsterdam van 30 oktober 2009 zal bevelen en de zaak zal verwijzen naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak zal worden behandeld en afgedaan op de wijze als in art. 471, eerste lid, Sv is voorzien.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG