Strafrecht overig
Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad, 16 september 2014
ECLI:NL:PHR:2014:1828 · Parket bij de Hoge Raad · 16 september 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2014-1828
Zaakgegevens
Op 16 september 2014 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 september 2014
- Datum publicatie
- 13 oktober 2014
- Zaaknummer
- 13/05506
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2014:1828
Samenvatting
HR: 80a RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 16 september 2014deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2014:1828
Hoge Raad · 7 oktober 2014
ECLI:NL:HR:2014:2957Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
Nr. 13/05506
Mr. Vegter
Zitting 16 september 2014
Standpunt/conclusie inzake:
[verdachte]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een beslissing van het Gerechtshof ‘s-Gravenhage van 21 oktober 2013. Er is tijdig een schriftuur ingekomen.
2. Voor zover het middel inhoudt dat uitdrukkelijk onderbouwde standpunten niet zijn weerlegd heb ik standpunten die tot respons nopen niet aangetroffen in hetgeen door de verdediging ter terechtzitting is aangevoerd. Ik verwijs overigens nog naar bewijsmiddel 8 dat inhoudt dat het aangetroffen letsel bij het voorval kan passen. Ook overigens is de bewezenverklaring toereikend gemotiveerd en is mij niet duidelijk geworden welke gebreken daaraan volgens de steller van het middel zouden kleven behalve dan dat hij zich mede op grond van een kennelijk andere waardering van de feiten en omstandigheden en een eigen selectie van de bewijsmiddelen niet in de bewezenverklaring kan vinden. Bewijsmiddel 1 houdt in dat verdachte opzettelijk en met kracht met geschoeide voeten begon te trappen. Het middel is kansloos.
3. Het standpunt is dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het beroep in cassatie nu het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG