Strafrecht overig
Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
ECLI:NL:PHR:2014:2176 · Parket bij de Hoge Raad · 4 november 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2014-2176
Zaakgegevens
Op 4 november 2014 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 november 2014
- Datum publicatie
- 25 november 2014
- Zaaknummer
- 13/06258
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2014:2176
Samenvatting
HR: art. 80a RO.
Procesgang
Uitspraak · 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:6673Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 4 november 2014deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2014:2176
Hoge Raad · 25 november 2014
ECLI:NL:HR:2014:3426Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Conclusie
|
Nr. 13/06258 Zitting: 4 november 2014 |
Mr. Knigge Conclusie inzake: [verdachte] |
1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch.
2. Het middel, dat een klacht bevat die moeilijk serieus valt te nemen, faalt omdat, zo al gezegd zou kunnen worden dat de redenen die verdachte blijkens zijn verklaring had om op de agent in te rijden weinig steekhoudend waren, dat feit niet wegneemt dat hij om die redenen op de agent is ingereden. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.
3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG