Strafrecht overig

Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 2 december 2014 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
2 december 2014
Datum publicatie
22 januari 2015
Zaaknummer
13/03398
ECLI
ECLI:NL:PHR:2014:2747
E-mail

Samenvatting

HR: art. 80a RO

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 2 december 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2014:2747

  2. Hoge Raad · 3 februari 2015

    ECLI:NL:HR:2015:196

    Conclusie gevolgd

Conclusie

Nr. 13/03398

Zitting: 2 december 2014

Mr. Knigge

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

2. Het middel, dat klaagt dat Hof onvoldoende gemotiveerd voorbij is gegaan aan het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt strekkende tot vrijspraak, faalt. Het hof heeft in een bewijsmotivering overwogen dat en waarom het, in afwijking van de verdediging, wel geloof hecht aan de tot bewijs gebezigde verklaringen van de aangever, en mede gelet daarop vindt het standpunt van de verdediging dat van de ten laste gelegde poging tot afpersing geen sprake is geweest, zijn weerlegging in de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.

3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG

Deze zaak hangt samen met de zaken onder de nummers 13/04457 en 14/03259, waarin ik vandaag eveneens concludeer.