Strafrecht overig

De HR verklaart het beroep in cassatie o.g.v. art. 80a RO niet-ontvankelijk.

Zaakgegevens

Op 1 april 2014 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
1 april 2014
Datum publicatie
23 april 2014
Zaaknummer
13/02729
ECLI
ECLI:NL:PHR:2014:326
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

De HR verklaart het beroep in cassatie o.g.v. art. 80a RO niet-ontvankelijk.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2013

    ECLI:NL:GHAMS:2013:1529
  2. Conclusie A-G · 1 april 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2014:326

  3. Hoge Raad · 22 april 2014

    ECLI:NL:HR:2014:978

    Conclusie gevolgd · Niet ontvankelijk

Conclusie

Nr. 13/02729

Zitting: 1 april 2014

Mr. Knigge

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Amsterdam.

2. Anders dan het middel wil, doet aan de begrijpelijkheid van ’s Hofs overwegingen – waarin als zijn oordeel besloten ligt dat het gewelddadig optreden van de verdachte geen verdedigend karakter had – niet af dat het Hof in het midden heeft gelaten of de verdachte het mes van huis is gaan ophalen dan wel, zoals hij zelf verklaarde, uit de bosjes is gaan pakken waar hij het had verstopt omdat je nooit weet wanneer dat van pas komt. Het middel kan derhalve klaarblijkelijk niet tot cassatie leiden.

3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG