Strafrecht overig
Beklag, beslag. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de AG klaagt het middel terecht over de…
ECLI:NL:PHR:2015:116 · Parket bij de Hoge Raad · 6 januari 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2015-116
Zaakgegevens
Op 6 januari 2015 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 6 januari 2015
- Datum publicatie
- 20 februari 2015
- Zaaknummer
- 14/02212
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2015:116
Samenvatting
Beklag, beslag. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de AG klaagt het middel terecht over de niet-ontvankelijkverklaring.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 januari 2015deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2015:116
Hoge Raad · 3 maart 2015
ECLI:NL:HR:2015:514Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
|
Nr. 14/02212 B Zitting: 6 januari 2015 |
Mr. Knigge Conclusie inzake: [klager] |
1. De Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, heeft bij beschikking van 10 februari 2014 klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn klaagschrift.
2. Tegen deze beschikking is namens klager cassatieberoep ingesteld.
3. Namens klager heeft mr. J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, een middel van cassatie voorgesteld.
4. Het middel
4.1. Het middel klaagt dat de Rechtbank klager ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in zijn klaagschrift.
4.2. De bestreden beschikking houdt, voor zover hier van belang, het volgende in:
“Onder klager zijn op 1 oktober 2012 een VW Passat (kenteken [001]) en een Iphone in beslag genomen.
De officier van justitie heeft voorafgaand aan de behandeling van het klaagschrift reeds beslist dat de inbeslaggenomen Iphone dient te worden teruggegeven.
De officier van justitie heeft tijdens de behandeling in raadkamer medegedeeld dat de inbeslaggenomen VW Passat met bovengenoemd kenteken op 9 december 2013 naar de autosloperij is gegaan ter vernietiging.
(...)
De rechtbank overweegt als volgt.
Door vernietiging van de auto is de inbeslaggenomen auto niet langer beschikbaar en eindigt het beslag op grond van artikel 134, tweede lid, onder c van het Wetboek van Strafvordering.
Klager dient daarom niet ontvankelijk te worden verklaard in zijn klaagschrift.”
4.3. Blijkens het proces-verbaal van de zitting in raadkamer heeft de officier van justitie aldaar aangevoerd dat de inbeslaggenomen auto op 9 december 2013 naar de sloop is gegaan en dat de auto nog € 245,- heeft opgebracht.
4.4. Ingevolge art. 117 lid 4 Sv blijft bij vervreemding tegen baat het beslag op de verkregen opbrengst rusten. Dat betekent dat in de onderhavige zaak het beslag nog rust op de opbrengst van de auto, te weten € 245,-. Het oordeel van de Rechtbank dat het beslag op grond van art. 134 lid 2 onder c Sv is beëindigd, is dan ook onjuist.
5. Het middel slaagt.
6. Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden beschikking ambtshalve te vernietigen, heb ik niet aangetroffen.
7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot terug- of verwijzen als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG