Strafrecht overig
n-o beroep. Geen schriftuur.
Parket bij de Hoge Raad, 8 september 2015
ECLI:NL:PHR:2015:2124 · Parket bij de Hoge Raad · 8 september 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2015-2124
Zaakgegevens
Op 8 september 2015 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 september 2015
- Datum publicatie
- 15 oktober 2015
- Zaaknummer
- 15/01324
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2015:2124
Samenvatting
n-o beroep. Geen schriftuur.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 25 november 2014
ECLI:NL:GHDHA:2014:3759Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 september 2015deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2015:2124
Hoge Raad · 3 november 2015
ECLI:NL:HR:2015:3202Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Conclusie
Nr. 15/01324
Mr. Machielse
Zitting 8 september 2015
Conclusie inzake:
[verdachte]
1.Op 25 november 2014 heeft het Gerechtshof Den Haag verdachte voor 4: Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee weken. Voorts heeft het hof de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaard in haar vordering.
2. Verdachte heeft cassatie doen instellen. Op 13 april 2015 heeft aanzegging als bedoeld in artikel 435 lid 1 Sv plaatsgevonden. Tot op heden is geen schriftuur, houdende middelen van cassatie, door een advocaat ingediend.
3. Nu niet is voldaan aan het vereiste van het tweede lid van artikel 437 Sv kan het cassatieberoep niet worden ontvangen.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden