Strafrecht overig
Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 15/03819.
ECLI:NL:PHR:2016:1467 · Parket bij de Hoge Raad · 20 december 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2016-1467
Zaakgegevens
Op 20 december 2016 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 december 2016
- Datum publicatie
- 7 februari 2017
- Zaaknummer
- 15/03818
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2016:1467
Samenvatting
Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 15/03819.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 20 december 2016deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2016:1467
Hoge Raad · 7 februari 2017
ECLI:NL:HR:2017:171Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
|
Nr. 15/03818 P Zitting: 20 december 2016 (bij vervroeging) |
Mr. F.W. Bleichrodt Conclusie inzake: [betrokkene] |
-
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, heeft bij uitspraak van 12 augustus 2015 het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op een bedrag van € 146.239,-- en de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 70.000,--.
-
De onderhavige zaak hangt samen met de strafzaak tegen de betrokkene met nr. 15/03819, waarin ik vandaag eveneens zal concluderen.
-
Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld. Er is geen schriftuur ingediend.
-
De aanzegging in cassatie is op 26 november 2015 in persoon uitgereikt aan de verdachte op het adres [a-straat 1] te [plaats]. Bovendien is op 1 december 2015 mededeling van de betekening van de aanzegging gedaan aan de raadsman van de verdachte (mr. R.I. Takens, advocaat te Amsterdam). Aldus is de aanzegging overeenkomstig art. 588, eerste lid, onder b, Sv rechtsgeldig betekend.
5. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv niet in acht genomen, zodat de verdachte niet in haar cassatieberoep kan worden ontvangen.
6. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG