Strafrecht overig
Profijtontneming. Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 14/05145.
ECLI:NL:PHR:2016:581 · Parket bij de Hoge Raad · 19 april 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2016-581
Zaakgegevens
Op 19 april 2016 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 april 2016
- Datum publicatie
- 5 juli 2016
- Zaaknummer
- 14/05144
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2016:581
Samenvatting
Profijtontneming. Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 14/05145.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 april 2016deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2016:581
Hoge Raad · 5 juli 2016
ECLI:NL:HR:2016:1390Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
Nr. 14/05144
Mr. Machielse
Zitting 19 april 2016
Conclusie inzake:
[betrokkene]
1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 29 september 2014 het vonnis van de economische kamer van de Rechtbank Haarlem van 11 juli 2008, waarbij de rechtbank aan verdachte de verplichting heeft opgelegd om aan de Staat een bedrag van € 200.000 te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, bevestigd.
2. Verdachte heeft cassatie doen instellen, maar tot op heden is niet gebleken van indiening door een advocaat van een schriftuur van cassatie terwijl volgens de ter beschikking staande gegevens de aanzegging van artikel 435 Sv al in juni 2015 is aangezegd.
Ingevolge het tweede lid van artikel 437 Sv kan daarom het beroep in cassatie niet worden ontvangen.
3. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden