Strafrecht overig
Profijtontneming. Geen middelen ingediend, betrokkene n-o. Samenhang met 16/03280.
ECLI:NL:PHR:2017:1179 · Parket bij de Hoge Raad · 12 september 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2017-1179
Zaakgegevens
Op 12 september 2017 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 september 2017
- Datum publicatie
- 30 oktober 2017
- Zaaknummer
- 16/00057
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2017:1179
Samenvatting
Profijtontneming. Geen middelen ingediend, betrokkene n-o. Samenhang met 16/03280.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 12 september 2017deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2017:1179
Hoge Raad · 31 oktober 2017
ECLI:NL:HR:2017:2792Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
Nr. 16/00057
Mr. A.J. Machielse
Zitting 12 september 2017 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[betrokkene]
1. Het gerechtshof Amsterdam heeft op 18 december 2015 het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 7 februari 2013 in de ontnemingszaak tegen verdachte bevestigd. De rechtbank had aan verdachte de verplichting opgelegd tot betaling van € 10.000 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
2. Verdachte heeft op 31 december 2015 cassatie doen instellen. Het dossier is op 23 juni 2016 ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. Vanwege de Procureur-Generaal is de aanzegging van artikel 435 lid 1 Sv op 22 juli 2016 betekend. Niet is gebleken dat binnen de in het tweede lid van artikel 437 Sv gestelde termijn door een advocaat namens verdachte een schriftuur, houdende middelen van cassatie, is ingezonden. Dat brengt met zich dat het cassatieberoep niet kan worden ontvangen.
3. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden