Strafrecht overig

Geen schriftuur ingediend. Verdachte n-o. Samenhang met 15/02351,15/02409, 15/02458, 15/02848, 15/03375 en…

Zaakgegevens

Op 17 januari 2017 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
17 januari 2017
Datum publicatie
14 maart 2017
Zaaknummer
16/00626
ECLI
ECLI:NL:PHR:2017:141
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Geen schriftuur ingediend. Verdachte n-o. Samenhang met 15/02351,15/02409, 15/02458, 15/02848, 15/03375 en 15/04787.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 17 januari 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:PHR:2017:141

  2. Hoge Raad · 14 maart 2017

    ECLI:NL:HR:2017:427

    Conclusie gevolgd

Conclusie

Nr. 16/00626

Mr. Machielse

Zitting 17 januari 2017 (bij vervroeging)

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte op 13 mei 2015 voor: opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee weken.

2. Verdachte heeft cassatie doen instellen, maar niet is gebleken dat binnen de in artikel 437 lid 2 Sv genoemde termijn in deze zaak namens verdachte een schriftuur, houdende middelen van cassatie, door een advocaat is ingediend. Daarom is het cassatieberoep niet-ontvankelijk.

3. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

De zaken nr. 15/02848 ([medeverdachte 1]), nr. 15/02351 ([medeverdachte 7]), nr. 15/2/4/2009 ([medeverdachte 2]), nr. 15/02458 ([medeverdachte 3]), nr. 15/03375 ([medeverdachte 4]), nr. 15/04787 ([medeverdachte 5]), nr. 16/00626 ([medeverdachte 6]), hangen samen. In al deze zaken wordt vandaag geconcludeerd.