Strafrecht overig
Conclusie A-G. Beslag en beklag. OM cassatie. Oordeel Rb dat beslaglegging ex art. 94a Sv niet tot een hoger…
Parket bij de Hoge Raad, 23 januari 2018
ECLI:NL:PHR:2018:35 · Parket bij de Hoge Raad · 23 januari 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2018-35
Zaakgegevens
Op 23 januari 2018 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 23 januari 2018
- Datum publicatie
- 25 januari 2018
- Zaaknummer
- 17/01318
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2018:35
Samenvatting
Conclusie A-G. Beslag en beklag. OM cassatie. Oordeel Rb dat beslaglegging ex art. 94a Sv niet tot een hoger bedrag is toegestaan dan tot het door de rechter-commissaris in zijn machtiging genoemde maximale bedrag is onjuist. Vernietiging.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 23 januari 2018deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2018:35
Hoge Raad · 13 februari 2018
ECLI:NL:HR:2018:200
Conclusie
|
Nr. 17/01318 B Zitting: 23 januari 2018 |
Mr. A.E. Harteveld Conclusie inzake: [klager] |
-
De rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, heeft bij beschikking van 27 januari 2017 het klaagschrift van de klager, strekkende tot opheffing van het beslag op en teruggave aan hem van twee voertuigen die onder hem in beslag zijn genomen, deels gegrond verklaard.
-
Het cassatieberoep is ingesteld door officier van justitie mr. E.G.J. Heldens. Mr. M.E. de Meijer, plaatsvervangend officier van justitie, heeft een middel van cassatie voorgesteld.
-
Het middel
3.1. Het middel klaagt over de gegrondverklaring van het klaagschrift.
3.2. De bestreden beschikking houdt het volgende in:
“1. De inhoud van het klaagschrift
Het klaagschrift strekt tot teruggave van:
- een motorfiets, merk Harley Davidson, kenteken [AA-00-AA] ,
- een bestelauto, merk Volkswagen, type Caddy, kenteken [BB-00-BB] ,
(…)
3. Het standpunt van de klager
Namens klager is aangevoerd dat hij de eigenaar is van de inbeslaggenomen voertuigen. De klager wordt bezwaard door de inbeslagneming en het voortduren daarvan, alsmede door het uitblijven van een last tot teruggave.
4. Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich in raadkamer op het standpunt gesteld dat het klaagschrift ongegrond dient te worden verklaard, nu er conservatoir beslag is gelegd op het inbeslaggenomene, omdat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, gelet op de inhoud van het strafdossier, aan klager een verplichting tot betaling van een geldboete dan wel de verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal opleggen.
(…)
5.3 De inhoudelijke beoordeling
5.3.1 De vaststelling van de feiten
Uit voornoemd proces-verbaal van de Politie Limburg, Team Opsporing, proces- verbaalnummer LBRAD 15002, volgt dat de betreffende voertuigen op 22 november 2016 in beslag zijn genomen onder de klager op het adres [a-straat 1] te Venlo op grond van de verdenking van betrokkenheid bij de handel dan wel de productie van verdovende middelen. Op 27 december 2016 is door de rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken machtiging verleend tot het handhaven van het beslag als conservatoir beslag op de betreffende voertuigen alsmede op een personenauto, merk Mercedes Benz, kenteken [CC-00-CC] , en een geldbedrag € 1.550,00, een en ander tot een maximum van € 81.000,00.
Uit onderzoek door de politie is onder meer gebleken dat de beslagene op 6 oktober 2016 op heterdaad is aangehouden in een in werking zijnde hennepkwekerij te Cuijk en dat hij op 19 oktober 2016 met de betreffende personenauto, merk Mercedes Benz is gereden naar het perceel [b-straat 1] te Koningslust , op welk adres op 20 oktober 2016 een in werking zijnde hennepkwekerij met 632 oogstrijpe hennepplanten is ontmanteld.
5.3.2 De toetsing
In dit geval is er sprake van een beklag van de beslagene tegen een op de voet van artikel 94a van het Wetboek van Strafvordering gelegd beslag en dient de rechtbank te onderzoeken
a) of er ten tijde van de beslissing een verdenking bestaat of veroordeling is uitgesproken wegens een misdrijf waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd en
b) of zich niet het geval voordoet dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, aan de verdachte een verplichting tot betaling van een geldboete dan wel de verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal opleggen.
Gelet op het verhandelde ter terechtzitting en de inhoud van het procesdossier is de rechtbank van oordeel dat er een verdenking van een misdrijf bestaat waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd. Bovendien is het, gelet op het verhandelde ter terechtzitting en de inhoud van het procesdossier, niet hoogst onwaarschijnlijk dat de strafrechter, later oordelend, aan de verdachte een verplichting tot betaling van een geldboete dan wel de verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal opleggen.
Door de rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken is, zoals hiervoor al aangegeven, machtiging verleend tot het handhaven van het reeds gelegde beslag als conservatoir beslag op de betreffende voertuigen, waarvan thans de teruggave wordt verzocht, een personenauto, merk Mercedes Benz, kenteken [CC-00-CC] , en een geldbedrag € 1.550,00, en wel tot een maximum van € 81.000,00. De gezamenlijke geschatte waarde van het conservatoir gelegde beslag bedraagt echter € 91.550,00.
De rechtbank zal, nu de verleende machtiging met € 10.550,00 is overschreden en gelet op de geschatte waarde van de bestelauto merk Volkswagen, type Caddy, kenteken [BB-00-BB] , zijnde € 10.000,00, daarom bepalen dat deze bestelauto aan klager moet worden teruggegeven onder gegrondverklaring van het klaagschrift ten aanzien van dit voertuig.
De rechtbank zal het beklag voor het overige ongegrond verklaren.”
3.3. Aan het oordeel van de rechtbank dat het beslag op de bestelauto merk Volkswagen type Caddy (kenteken [BB-00-BB] ), ter waarde van € 10.000,00, moet worden opgeheven en deze auto aan de klager moet worden teruggegeven, ligt ten grondslag dat de gezamenlijke waarde van het conservatoir gelegde beslag (nl. € 91.550,00) anders het maximumbedrag van € 81.000,00 waarvoor de rechter-commissaris machtiging heeft verleend tot het handhaven van het reeds gelegde beslag als conservatoir beslag overschrijdt.
3.4. Aldus heeft de rechtbank kennelijk geoordeeld dat beslaglegging ex art. 94a Sv niet tot een hoger bedrag is toegestaan dan tot het door de rechter-commissaris in zijn machtiging genoemde maximale bedrag. Dat oordeel is onjuist.
3.5. Het middel slaagt.
4. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking maar uitsluitend wat betreft de beslissing omtrent de Volkswagen Caddy en tot terugwijzing van de zaak naar de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht opdat de zaak in zoverre op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG