Belastingrecht

Inkomstenbelasting / Artikel 43 en 47 LIB 1943 / Belastingjaar 1994 Belpl slaat bezwaar tegen definitieve…

Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba), 22 april 1999

Zaakgegevens

Op 22 april 1999 heeft de Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba) in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Datum uitspraak
22 april 1999
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
1998/73
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:ORBBNAA:1999:BU9486
E-mail

Samenvatting

Inkomstenbelasting / Artikel 43 en 47 LIB 1943 / Belastingjaar 1994

Belpl slaat bezwaar tegen definitieve aanslag over. Beroepschrift wordt aangemerkt als een bezwaarschrift en aan de inspecteur toegezonden. Zie voor een andere beslissing de beschikking van 1-3-1972.

Uitspraak

Beschikking van 22 april 1999, nr. 1998/73.

DE RAAD VAN BEROEP VOOR BELASTINGZAKEN

zitting houdende in Curaçao,

1. Het procesverloop.

1.1. Onder dagtekening 23 januari 1998 heeft de Inspecteur aan appellant een aanslag inkomstenbelasting over het jaar 1994 opgelegd.

1.2. Hiertegen heeft appellant bij ongedateerde brief, ingekomen ter griffie op 7 april 1998, beroep ingesteld.

1.3. De Inspecteur heeft een vertoogschrift ingediend.

1.4. Het beroep is behandeld ter zitting van 21 april 1999 in tegenwoordigheid van de inspecteur. Appellant is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen noch heeft zich daar laten vertegenwoordigen.

2. Ontvankelijkheid.

2.1. Ingevolge art. 43, eerste lid, van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 (LIB 1943) kan hij die bezwaar heeft tegen de hem opgelegde aanslag, een bezwaarschrift indienen bij de Inspecteur.

2.2. Art. 47, eerste lid, LIB 1943 bepaalt dat hij die bezwaar heeft tegen de beschikking op zijn bezwaarschrift in beroep kan komen bij de Raad van Beroep voor belastingzaken.

2.3. In plaats van bezwaar te maken bij de Inspecteur heeft appellant beroep ingesteld bij de Raad. De Raad is evenwel, gelet op het samenstel van de bij de punten 2.1 en2.2 aangehaalde wettelijke bepalingen, onbevoegd om te oordelen over de primitieve aanslag. Alvorens beroep in te stellen, dient appellant eerst tegen die aanslag bezwaar te maken.

2.4. Daarom zal de Raad appellants geschrift met bijlagen doorzenden aan de Inspecteur, onder mededeling hiervan aan appellant, om alsnog als bezwaarschrift te worden behandeld.

2.5. De Inspecteur heeft bij vertoogschrift en ter zitting aangegeven binnenkort uitspraak op het als zodanig te behandelen bezwaarschrift te doen. Tegen de alsdan genomen beslissing kan appellant opnieuw een beroepschrift indienen.

2.6. Dit leidt tot de volgende beslissing.

3. Beslissing

De Raad van Beroep:

Verklaart appellant niet-ontvankelijk;

Draagt de secretaris op het beroepschrift van appellant met bijlagen door te zenden aan de Inspecteur om als bezwaarschrift te worden behandeld, onder gelijktijdige mededeling hiervan aan appellant.

Mr. A.W.M. Bijloos, als voorzitter en mrs. J.W. Ilsink en C.W.M. van Ballegooijen als leden.