Belastingrecht

Geen boete wegens niet doen van aangifte als de inspecteur het aangiftebiljet winstbelasting naar een onjuist…

Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba), 30 november 2000

Zaakgegevens

Op 30 november 2000 heeft de Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba) in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Datum uitspraak
30 november 2000
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
1999-078
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:ORBBNAA:2000:BU4369
E-mail

Samenvatting

Geen boete wegens niet doen van aangifte als de inspecteur het aangiftebiljet winstbelasting naar een onjuist adres verzendt.

Uitspraak

Beschikking van 30 november 2000, nr. 1999-078.

DE RAAD VAN BEROEP VOOR BELASTINGZAKEN

zitting houdende in Curaçao,

1. Procesverloop

1.1. Aan appellante is wegens het niet-tijdig doen van aangifte voor de winstbelasting over het jaar 1997 een boete opgelegd ten bedrage van Naf 1.451. Na bezwaar heeft de Inspecteur de boete bij beschikking van 20 januari 1999 gehandhaafd. Tegen die beschikking is appellante op 19 maart 1999 in beroep gekomen bij de Raad. De Inspecteur heeft geen vertoogschrift ingediend.

1.2. De zaak is mondeling behandeld ter zitting van de Raad van 20 november 2000, gehouden op Curaçao. Alleen de gemachtigde van appellante is verschenen.

2. Beoordeling

Aan appellante is een aangiftebiljet winstbelasting 1997 verstuurd. Het daarop vermelde adres is echter onjuist, zodat het biljet appellante niet, althans te laat heeft bereikt en de aangifte dus ook te laat is ingediend. De Inspecteur kon weten dat het adres onjuist was, aangezien het aangiftebiljet winstbelasting 1996 wel het juiste adres bevatte. Het is dan ook niet aan appellante te wijten dat te laat aangifte is gedaan. Voor het opleggen van en boete wegens het niet-tijdig doen van aangifte, is derhalve geen plaats. De boete moet worden vernietigd.

3. Beslissing

De Raad vernietigt de beschikking op bezwaar voor zover daarbij de boete is gehandhaafd en vernietigt de boete.

mrs. L. van Gijn, J.W. Ilsink en Th. Groeneveld