Bestuursrecht overig

Bij besluit van 15 december 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Velp-Noord locatie Pinkenbergseweg 5F"…

Raad van State, 14 september 2016

Zaakgegevens

Op 14 september 2016 heeft de Raad van State in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Zittingsplaats
's-Gravenhage
Datum uitspraak
14 september 2016
Datum publicatie
14 september 2016
Zaaknummer
201601108/1/R2
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2016:2483
E-mail

Samenvatting

Bij besluit van 15 december 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Velp-Noord locatie Pinkenbergseweg 5F" vastgesteld.

Uitspraak

201601108/1/R2.

Datum uitspraak: 14 september 2016

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

Contactgroep Omwonenden Groenhorstcollege, wonend te Rheden,

appellant,

en

de raad van de gemeente Rheden,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 15 december 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Velp-Noord locatie Pinkenbergseweg 5F" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft de contactgroep beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 18 augustus 2016, waar de contactgroep, vertegenwoordigd door [gemachtigden], en de raad, vertegenwoordigd door H.I. Slager, werkzaam bij de gemeente, en bijgestaan door ir. R.J. Bos, geluidsdeskundige, zijn verschenen. Voorts is ter zitting de Aeres Groep, initiatiefnemer, vertegenwoordigd mr. C.M.A. Delissen-Buijnsters, advocaat te Nijmegen, bijgestaan door ir. J. Driesse, gehoord.

Overwegingen

Het plan

1. Het plan voorziet in de uitbreiding en renovatie van het bestaande Groenhorstcollege aan de Pinkenbergseweg 5F te Velp, een landelijke onderwijsinstelling met praktijkonderwijs voor vmbo- en mbo-opleidingen.

Ontvankelijkheid

2. Het beroep is ingesteld door de contactgroep.

3. De initiatiefnemer heeft ter zitting naar voren gebracht dat de contactgroep niet als belanghebbende kan worden aangemerkt.

4. Ingevolge artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) wordt onder belanghebbende verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken.

5. Ingevolge artikel 1:2, derde lid, van de Awb worden ten aanzien van rechtspersonen als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen.

6. Uit artikel 1:2, derde lid, volgt dat voor het opkomen in rechte ter behartiging van algemene en

collectieve belangen de eis van rechtspersoonlijkheid geldt om als belanghebbende te kunnen worden aangemerkt. De contactgroep is niet bij notariële akte opgericht en beschikt niet over statuten. De contactgroep kan niettemin deelnemen aan dit geding, indien zij is aan te merken als een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid in de zin van artikel 2:26 van het Burgerlijk Wetboek. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in haar uitspraak van 12 maart 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BC6406, is daartoe vereist dat het om een organisatorisch verband moet gaan dat is opgericht voor een bepaald doel, zodat sprake moet zijn van regelmatige ledenvergaderingen, een bestuur en een samenwerking die op enige continuïteit is gericht. Tevens moet er een ledenbestand zijn en dient de organisatie als een eenheid deel te nemen aan het rechtsverkeer. Ter zitting heeft de contactgroep toegelicht dat er geen ledenbestand met ledenadministratie is. Ook beschikt de contactgroep niet over een bestuur. Reeds hierom voldoet de contactgroep niet aan de in de uitspraak van 12 maart 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BC6406, genoemde cumulatieve vereisten om te kunnen worden aangemerkt als een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid. De contactgroep kan derhalve niet worden aangemerkt als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van de Awb.

7. Het beroep is niet-ontvankelijk.

8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. N.S.J. Koeman, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Ouwehand, griffier.

w.g. Koeman w.g. Ouwehand

lid van de enkelvoudige kamer griffier

Uitgesproken in het openbaar op 14 september 2016

224