Bestuursrecht overig

Het beroep richt zich tegen het besluit van het college van beroep voor de examens van de Universiteit…

Raad van State, 9 december 2024

Zaakgegevens

Op 9 december 2024 heeft de Raad van State in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
9 december 2024
Datum publicatie
13 december 2024
Zaaknummer
202406918/1/A2
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5167
E-mail

Samenvatting

Het beroep richt zich tegen het besluit van het college van beroep voor de examens van de Universiteit Utrecht van 16 oktober 2024, waarbij het CBE het door [appellant] gemaakte administratief beroep tegen de beslissing van 21 augustus 2024 ongegrond heeft verklaard. [appellant] heeft in het studiejaar 2023-2024 bepaalde keuzes gemaakt die hebben geresulteerd in onvoldoende studieresultaten waardoor hij niet heeft voldaan aan de voorwaarden voor een positief studieadvies.

Uitspraak

202406918/1/A2.

Datum uitspraak: 9 december 2024

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[appellant], wonend in [woonplaats],

appellant,

en

het college van beroep voor de examens van de Universiteit Utrecht (hierna: het CBE),

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 9 december 2024 om 15:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. N. Verheij, voorzitter

griffier: mr. A.S. Rietveld

Verschenen:

[appellant]; bijgestaan door mr. M. Den Hertog, advocaat in Utrecht

Het CBE, vertegenwoordigd door mr. C. Bakirhan, R.J. Kok en M.J.A. Thijssen;

Het beroep richt zich tegen het besluit van het CBE van 16 oktober 2024, waarbij het CBE het door [appellant] gemaakte administratief beroep tegen de beslissing van 21 augustus 2024 ongegrond heeft verklaard. In de beslissing van 21 augustus 2024 heeft de opleidingsdirecteur van de bachelor Farmacie [appellant] een bindend negatief studieadvies (BNSA) gegeven.

Beslissing

De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.

Motivering

[appellant] heeft in het studiejaar 2023-2024 bepaalde keuzes gemaakt die hebben geresulteerd in onvoldoende studieresultaten waardoor hij niet heeft voldaan aan de voorwaarden voor een positief studieadvies. Allereerst de keuze om niet de prioriteit te geven aan de vakken uit de propedeuse, maar vooral ook de keuze om naast zijn studie veel te gaan werken in het familierestaurant. Hierdoor was het onvermijdelijk dat hij (veel) minder tijd had om aan zijn studie te besteden. Dit is dan ook de oorzaak van de mindere studieresultaten van [appellant], niet de ziekte zijn opa. De keuze om in het familierestaurant te werken komt voor zijn eigen verantwoordelijkheid. Dit betekent dat het CBE een BNSA aan [appellant] heeft kunnen geven.

Het CBE hoeft geen proceskosten te vergoeden.

w.g. Verheij

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Rietveld

griffier

1064