Bestuursrecht overig

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Loon op Zand van 11 februari 2021…

Raad van State, 20 februari 2024

Zaakgegevens

Op 20 februari 2024 heeft de Raad van State in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
20 februari 2024
Datum publicatie
23 februari 2024
Zaaknummer
202102215/1/R2
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:766
E-mail

Samenvatting

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Loon op Zand van 11 februari 2021, waarbij het bestemmingsplan "Weteringstraat 15B te Loon op Zand" is vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om een vrijstaande woning te bouwen op het perceel Weteringstraat 15b in Loon op Zand. Stichting het Uilennest is gevestigd in het bedrijfspand ten noorden van het plangebied, aan de Weteringstraat 17a. De Stichting betoogt dat het bestemmingsplan de verkeersveiligheid in de Weteringstraat aantast vanwege een toename van het aantal verkeersbewegingen als gevolg van het bestemmingsplan.

Uitspraak

202102215/1/R2.

Datum uitspraak: 20 februari 2024

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

Stichting het Uilennest, gevestigd te Loon op Zand,

appellante,

en

de raad van de gemeente Loon op Zand,

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 20 februari 2024 om 09:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. E.A. Minderhoud, voorzitter

griffier: mr. M. Scheele

jurist: mr. T.T. Schipper

De volgende partij heeft deelgenomen:

De raad van de gemeente Loon op Zand, vertegenwoordigd door mr. G.A.H.M. Meij en G. van de Vrande.

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van 11 februari 2021, waarbij het bestemmingsplan "Weteringstraat 15B te Loon op Zand" is vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om een vrijstaande woning te bouwen op het perceel Weteringstraat 15b in Loon op Zand.

De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.

Redenen voor dit oordeel:

1.       Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet in werking getreden. Volgens artikel 4.6, derde lid, van de Invoeringswet blijft het oude recht van toepassing op een beroep tegen een bestemmingsplan waarvan het ontwerp vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage lag. Het ontwerpplan is op 30 april 2020 ter inzage gelegd, zodat op dit beroep het oude recht, inclusief de Wet ruimtelijke ordening, van toepassing blijft.

2.       Stichting het Uilennest is gevestigd in het bedrijfspand ten noorden van het plangebied, aan de Weteringstraat 17a. De Stichting betoogt dat het bestemmingsplan de verkeersveiligheid in de Weteringstraat aantast vanwege een toename van het aantal verkeersbewegingen als gevolg van het bestemmingsplan.

3.       De Afdeling stelt vast dat het bestemmingsplan het mogelijk maakt om op eigen terrein te parkeren. De raad heeft toegelicht dat de beoogde woning op het perceel niet zorgt voor een substantiële toename van het aantal verkeersbewegingen in de Weteringstraat. Hoewel de Afdeling zich kan voorstellen dat het gezien een breedte van de Weteringstraat van ongeveer drie meter voor automobilisten soms lastig is om elkaar te passeren, is zij van oordeel dat de raad zich gelet op het geringe aantal extra verkeerbewegingen als gevolg van de bouw van één woning op het standpunt heeft mogen stellen dat het plan niet leidt tot een aantasting van de verkeersveiligheid in de Weteringstraat. Wat Stichting het Uilennest voor het overige naar voren heeft gebracht geeft de Afdeling geen aanleiding om tot een andere uitkomst te komen.

4.       De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.

w.g. Minderhoud

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Scheele

griffier

723-1075