Bestuursrecht overig

Het beroep is gericht tegen besluiten van 13 oktober 2025, waarbij de Kiesraad de onder nr. 422…

Raad van State, 11 november 2025

Zaakgegevens

Op 11 november 2025 heeft de Raad van State in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
11 november 2025
Datum publicatie
13 november 2025
Zaaknummer
202505469/1/A2
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5517
E-mail

Samenvatting

Het beroep is gericht tegen besluiten van 13 oktober 2025, waarbij de Kiesraad de onder nr. 422 geregistreerde aanduiding (ORDA) uit het register, bedoeld in artikel G1 van de Kieswet, heeft geschrapt en heeft bepaald dat de voor de registratie van de aanduiding betaalde waarborgsom van € 450,00 niet wordt terugbetaald. ORDA is bij brief van 23 oktober 2025 op de verschuldigdheid van het griffierecht gewezen. In die brief is vermeld dat het griffierecht uiterlijk op 6 november 2025 moet zijn bijgeschreven op de rekening van de Raad van State. Het bedrag is niet binnen de gestelde termijn op de rekening van de Raad van State bijgeschreven. Niet is gebleken van feiten of omstandigheden, op grond waarvan redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat ORDA in verzuim is geweest.

Uitspraak

202505469/1/A2.

Datum uitspraak: 11 november 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

ORDA, gevestigd in Winterswijk,

appellante,

en

de Kiesraad, handelend als centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 11 november 2025 om 11:30 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. C.H.M. van Altena, voorzitter

Staatsraad mr. J.Th. Drop, lid

Staatsraad mr. C.C.W. Lange, lid

griffier: mr. R.J.R. Hazen

Verschenen:

de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. M. Bijl en mr. drs. A.J. Trouwborst.

Het beroep is gericht tegen besluiten van 13 oktober 2025, waarbij de Kiesraad de onder nr. 422 geregistreerde aanduiding (ORDA) uit het register, bedoeld in artikel G1 van de Kieswet, heeft geschrapt en heeft bepaald dat de voor de registratie van de aanduiding betaalde waarborgsom van € 450,00 niet wordt terugbetaald.

De Afdeling verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Gronden:

ORDA is ingevolge artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) voor het door haar ingestelde beroep griffierecht verschuldigd. Een beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard, indien storting of bijschrijving van het griffierecht niet heeft plaatsgevonden binnen vier weken na de dag van verzending van de mededeling waarin de indiener van een beroepschrift is gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. In artikel G 5, tweede lid, gelezen in verbinding met artikel D 8, tweede lid, van de Kieswet, is in afwijking van artikel 8:41, vijfde lid, van de Awb bepaald dat de termijn, binnen welke de bijschrijving of storting van het verschuldigde bedrag moet plaatsvinden, twee weken bedraagt.

ORDA is bij brief van 23 oktober 2025 op de verschuldigdheid van het griffierecht gewezen. In die brief is vermeld dat het griffierecht uiterlijk op 6 november 2025 moet zijn bijgeschreven op de rekening van de Raad van State. Het bedrag is niet binnen de gestelde termijn op de rekening van de Raad van State bijgeschreven. Niet is gebleken van feiten of omstandigheden, op grond waarvan redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat ORDA in verzuim is geweest.

w.g. Van Altena

voorzitter

w.g. Hazen

griffier

452