Bestuursrecht overig
Raad van State · Hoger beroep · Bestuursrecht overig
ECLI:NL:RVS:2000:AA8219 · Raad van State · 28 september 2000
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-rvs-2000-aa8219
Zaakgegevens
Op 28 september 2000 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 september 2000
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 200000356/2.
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2000:AA8219
Uitspraak
Raad van State
200000356/2.
Datum beslissing:28 september 2000
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op het verzoek van:
mr. [appellant], wonend te [woonplaats],
appellant,
om toepassing van artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht
1 . Procesverloop
Tijdens de openbare behandeling van zijn hoger beroep in de zaak met nummer 200000356/1 op 29 augustus 2000 heeft verzoeker verzocht om wraking van Staatsraad mr. P. van Dijk.
De Afdeling heeft dit verzoek op 11 september 2000 ter zitting behandeld, alwaar verzoeker, zijn standpunt nader heeft toegelicht. Staatsraad Van Dijk heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om te worden gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht kan elk van de rechters die een zaak behandelt, door een partij worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden.
2.2. Verzoeker heeft om wraking van Staatsraad Van Dijk verzocht, omdat deze eerder een hoger beroepszaak heeft behandeld, waarbij niet is ingegaan op het verzoek van verzoeker om een rogatoire commissie in te stellen. Wat hier ook van zij, dit levert geen grond op voor wraking.
De rechterlijke onpartijdigheid van Staatsraad Van Dijk wordt niet aangetast door de enkele omstandigheid dat hij al eerder bij een hoger beroepszaak van verzoeker betrokken is geweest.
2.3. Het wrakingsverzoek dient derhalve te worden afgewezen.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
wijst het verzoek om wraking van Staatsraad Van Dijk af.
Aldus vastgesteld door mr. J. de Vries, Voorzitter, en mr. J.J.R. Bakker en mr. W. Konijnenbelt, Leden, in tegenwoordigheid van mr. J.H.C.A. Muller, ambtenaar van Staat.
w.g. De Vries w.g. Muller
Voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 28 september 2000
242.
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris van de Raad van State,
voor deze,