Bestuursrecht overig
Bij besluit van 18 augustus 2009 heeft het college het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden…
Raad van State, 8 juni 2011
ECLI:NL:RVS:2011:BQ7431 · Raad van State · 8 juni 2011
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-rvs-2011-bq7431
Zaakgegevens
Op 8 juni 2011 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 juni 2011
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 201009860/1/H1
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2011:BQ7431
Samenvatting
Bij besluit van 18 augustus 2009 heeft het college het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden met betrekking tot de berging op het perceel [locatie] te Enschede (hierna: het perceel) afgewezen.
Uitspraak
201009860/1/H1.
Datum uitspraak: 8 juni 2011
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellante], wonend te Enschede,
tegen de uitspraak van de rechtbank Almelo van 29 september 2010 in zaak nr. 10/158 in het geding tussen:
[appellante]
en
het college van burgemeester en wethouders van Enschede.
1. Procesverloop
Bij besluit van 18 augustus 2009 heeft het college het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden met betrekking tot de berging op het perceel [locatie] te Enschede (hierna: het perceel) afgewezen.
Bij besluit van 22 januari 2010 heeft het college het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 29 september 2010, verzonden op 1 oktober 2010, heeft de rechtbank het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft [appellante] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 13 oktober 2010, hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 9 mei 2011, waar [appellante], vertegenwoordigd door mr. J.M. Smits, en het college, vertegenwoordigd door A. Haer, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. [appellante] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de berging in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Horstlanden-Veldkamp".
2.1.1. Bij uitspraak van heden, in zaak nr. 201009859/1/H1, heeft de Afdeling overwogen dat de berging niet in strijd is met het bestemmingsplan. Het betoog faalt.
2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.A.A. van Roessel, ambtenaar van staat.
w.g. Bijloos w.g. Van Roessel
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2011
457-627.