Bestuursrecht overig
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 23 januari 2023 waarbij de rechtbank het…
Raad van State, 14 oktober 2024
ECLI:NL:RVS:2024:4327 · Raad van State · 14 oktober 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-rvs-2024-4327
Zaakgegevens
Op 14 oktober 2024 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 oktober 2024
- Datum publicatie
- 28 oktober 2024
- Zaaknummer
- 202301503/1/A3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2024:4327
Samenvatting
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 23 januari 2023 waarbij de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit van 4 mei 2022 ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft de burgemeester het bezwaar tegen het besluit van 15 januari 2022, waarbij een noodbevel is uitgevaardigd, niet-ontvankelijk verklaard.
Procesgang
Rechtbank Overijssel · 23 januari 2023
ECLI:NL:RBOVE:2023:249Raad van State · 14 oktober 2024deze uitspraak
ECLI:NL:RVS:2024:4327
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
202301503/1/A3.
Datum uitspraak: 14 oktober 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van:
[appellant], wonend in Dalfsen,
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 23 januari 2023 in zaak nr. 22/827 in het geding tussen:
[appellant]
en
de burgemeester van Dalfsen.
Openbare zitting gehouden op 14 oktober 2024 om 14:30 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. C.H. Bangma, lid van de enkelvoudige kamer
Griffier: mr. I.W.M.J. Bossmann
Jurist: mr. J. Zonneveld
Verschenen:
de burgemeester, vertegenwoordigd door A.I. Pasma en [gemachtigde].
====================================
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 23 januari 2023 waarbij de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit van 4 mei 2022 ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft de burgemeester het bezwaar tegen het besluit van 15 januari 2022, waarbij een noodbevel is uitgevaardigd, niet-ontvankelijk verklaard.
Beslissing:
1. de Afdeling bevestigt de aangevallen uitspraak;
2. wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Motivering:
1. appellant] heeft in hoger beroep geen inhoudelijke gronden ingediend tegen de aangevallen uitspraak. Daarnaast heeft [appellant] zijn in beroep aangevoerde gronden in hoger beroep herhaald en ingelast. De Afdeling overweegt dat de rechtbank in haar uitspraak op die gronden is ingegaan. De verwijzing naar wat hij in bezwaar en beroep heeft aangevoerd kan niet leiden tot vernietiging van de aangevallen uitspraak.
2. Ook de overige verzoeken van [appellant], gedaan in het hoger beroepschrift, kunnen om die reden niet inhoudelijk worden beoordeeld. [appellant] heeft een verzoek om schadevergoeding gedaan, maar er is geen grondslag om dat toe te wijzen.
3. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
4. De burgemeester hoeft geen proceskosten te vergoeden.
w.g. Bangma
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Bossmann
griffier
314-1104