Bestuursrecht overig
Bij besluit van 7 augustus 2024 heeft Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellant] om…
ECLI:NL:RVS:2026:4103 · Raad van State · 13 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-rvs-2026-4103
Zaakgegevens
Op 13 juli 2026 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 juli 2026
- Datum publicatie
- 15 juli 2026
- Zaaknummer
- 202504801/1/A2
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2026:4103
Samenvatting
Bij besluit van 7 augustus 2024 heeft Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) afgewezen.
Procesgang
Rechtbank Gelderland · 22 juli 2025
ECLI:NL:RBGEL:2025:5779Raad van State · 13 juli 2026deze uitspraak
ECLI:NL:RVS:2026:4103
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
202504801/1/A2.
Datum uitspraak: 13 juli 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van:
[appellant], wonend in [woonplaats],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 22 juli 2025 in zaak nr. 24/8995 in het geding tussen:
[appellant]
en
Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG).
Openbare zitting gehouden op 13 juli 2026 om 12:15 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. C.J. Borman, lid van de enkelvoudige kamer
griffier: mr. C. Kouidar
Verschenen:
CSG, vertegenwoordigd door mr. Y. Pieters.
Bij besluit van 7 augustus 2024 heeft de CSG de aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) afgewezen.
Bij besluit van 31 oktober 2024 heeft de CSG het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 22 juli 2025 van de rechtbank Gelderland, waarin het beroep van [appellant] tegen het besluit van 31 oktober 2024 ongegrond is verklaard.
Beslissing:
De Afdeling bevestigt de aangevallen uitspraak.
Gronden:
Uit wat [appellant] naar voren heeft gebracht, is niet gebleken dat het oordeel van de rechtbank onjuist is. Weliswaar kan de uitspraak van een strafrechter een objectieve aanwijzing zijn voor de onderbouwing van de aanvraag van [appellant], maar daarbij moeten ook de aanleiding, toedracht en omstandigheden van het misdrijf voldoende duidelijk zijn. In dit geval blijkt uit het vonnis van de strafrechter niet meer dan dat de dader is veroordeeld voor een poging tot zware mishandeling. De verklaringen van [appellant] en de dader spreken elkaar op verschillende punten tegen. Bovendien blijkt uit de verklaring van [appellant] bij de politie dat hij onder invloed was van alcohol en lachgas en zich niet precies herinnert wat de gebeurtenissen van de betreffende avond zijn. Daarmee is er dus onvoldoende objectieve informatie over de aanleiding, toedracht en omstandigheden van het geweldsmisdrijf, waardoor de CSG de aanvraag mocht afwijzen.
w.g. Borman
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Kouidar
griffier
1120