Bestuursrecht overig

In voormelde uitspraak van 22 april 2024 heeft de Afdeling het hoger beroep van [opposante] kennelijk…

Zaakgegevens

Op 12 februari 2025 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
12 februari 2025
Datum publicatie
12 februari 2025
Zaaknummer
202400714/5/A2
Procedure
Verzet
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:555
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

In voormelde uitspraak van 22 april 2024 heeft de Afdeling het hoger beroep van [opposante] kennelijk niet-ontvankelijk verklaard, omdat het griffierecht, ook na aanmaning, niet is betaald. [opposante] doet verzet tegen deze uitspraak.

Uitspraak

202400714/5/A2.

Datum uitspraak: 12 februari 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het verzet (artikel 8:55 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) van:

[opposante], wonend in [woonplaats],

opposante,

tegen de uitspraak van de Afdeling van 22 april 2024 in zaak nr. 202400714/3/A3.

Procesverloop

Bij uitspraak van 22 april 2024, in zaak nr. 202400714/3/A3, heeft de Afdeling na vereenvoudigde behandeling het hoger beroep van [opposante] tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 25 januari 2024, met zaaknummer 22/759, niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [opposante] verzet gedaan.

De Afdeling heeft de zaak aan de orde gesteld op de zitting van 23 januari 2025. [opposante] is zonder bericht niet verschenen.

Overwegingen

Geschil

1.       In voormelde uitspraak van 22 april 2024 heeft de Afdeling het hoger beroep van [opposante] kennelijk niet-ontvankelijk verklaard, omdat het griffierecht, ook na aanmaning, niet is betaald. [opposante] doet verzet tegen deze uitspraak.

Oordeel

2.       Het verzet is niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht. Voor de motivering van het oordeel dat [opposante] misbruik van recht maakt, verwijst de Afdeling naar haar uitspraak van vandaag in zaak nummer 202401634/1/A2 (ECLI:NL:RVS:2025:467, r.o. 4-4.5).

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het verzet niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. W. den Ouden, voorzitter, en mr. J.M. Willems en mr. J. Schipper-Spanninga, leden, in tegenwoordigheid van mr. I.S. Ouwehand, griffier.

w.g. Den Ouden

voorzitter

w.g. Ouwehand

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 12 februari 2025

752