Bestuursrecht overig
Bij besluit van 16 mei 2013, nummer 19, heeft de raad het bestemmingsplan "Overdie, Omval en bedrijventerrein…
Raad van State, 12 februari 2014
ECLI:NL:RVS:2014:558 · Raad van State · 12 februari 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening-bodemzaak/ecli-nl-rvs-2014-558
Zaakgegevens
Op 12 februari 2014 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening en de bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Gravenhage
- Datum uitspraak
- 12 februari 2014
- Datum publicatie
- 19 februari 2014
- Zaaknummer
- 201306156/3/R1
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorziening+bodemzaakVoorlopige voorziening en bodemzaak (kortsluiting)De voorzieningenrechter beslist niet alleen over een tijdelijke maatregel, maar meteen ook definitief over de zaak zelf.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2014:558
Samenvatting
Bij besluit van 16 mei 2013, nummer 19, heeft de raad het bestemmingsplan "Overdie, Omval en bedrijventerrein Oudorp" vastgesteld.
Uitspraak
201306156/3/R1.
Datum uitspraak: 12 februari 2014
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoeker], wonend te Alkmaar,
en
de raad van de gemeente Alkmaar,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 16 mei 2013, nummer 19, heeft de raad het bestemmingsplan "Overdie, Omval en bedrijventerrein Oudorp" vastgesteld.
Tegen dit besluit heeft onder meer [verzoeker] beroep ingesteld.
[verzoeker] heeft de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 januari 2014, waar de raad, vertegenwoordigd door drs. J.J.A. Feron en M. Brouwer-de Looze, beiden werkzaam bij de gemeente, is verschenen.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 201306156/1/R1 heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. Th.C. van Sloten, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. Z. Huszar, ambtenaar van staat.
w.g. Van Sloten w.g. Huszar
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 12 februari 2014
533.