Bestuursrecht overig
Bij besluit van 6 mei 2008, no. 1337955/1410289, heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant…
Raad van State, 29 augustus 2008
ECLI:NL:RVS:2008:BE9700 · Raad van State · 29 augustus 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rvs-2008-be9700
Zaakgegevens
Op 29 augustus 2008 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 29 augustus 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 200804309/2
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2008:BE9700
Samenvatting
Bij besluit van 6 mei 2008, no. 1337955/1410289, heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant (hierna: het college) besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Etten-Leur (hierna: de raad) bij besluit van 17 september 2007 vastgestelde bestemmingsplan "Bisschopsmolenstraat".
Uitspraak
200804309/2.
Datum uitspraak: 29 augustus 2008
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoeker] en anderen, allen wonend te [woonplaats],
en
het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 6 mei 2008, no. 1337955/1410289, heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant (hierna: het college) besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Etten-Leur (hierna: de raad) bij besluit van 17 september 2007 vastgestelde bestemmingsplan "Bisschopsmolenstraat".
Tegen dit besluit hebben onder meer [verzoeker] en anderen bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 9 juli 2008, beroep ingesteld.
Bij dezelfde brief als waarmee beroep is ingesteld hebben [verzoeker] en anderen de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 21 augustus 2008, waar [verzoeker] is verschenen. Voorts is ter zitting gehoord de raad, vertegenwoordigd door J. Verbraaken, ambtenaar in dienst van de gemeente.
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. [verzoeker] en anderen hebben de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen teneinde te voorkomen dat alvorens uitspraak zal zijn gedaan in de bodemzaak, op het perceel Bisschopsmolenstraat 28-30 bebouwing met een totale hoogte van 11 meter gerealiseerd kan worden. Zij voeren aan dat de toegelaten hoogte de karakteristieke bebouwing van de Bisschopsmolenstraat zal aantasten, en dat het bestemmingsplan in zoverre in strijd is met de Welstandsnota.
2.3. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat een bouwhoogte van ten hoogste 11 meter in stedelijk gebied aanvaardbaar kan worden geacht. In hetgeen verzoekers hebben betoogd, ziet de voorzitter geen aanleiding voor het oordeel dat het college dit standpunt in redelijkheid niet kon innemen. Daarbij neemt de voorzitter in aanmerking dat de Welstandsnota in de bestemmingsplanprocedure niet de betekenis heeft die verzoekers daaraan toegekend wensen te zien. Voorts is de voorzitter van oordeel dat de karakteristieke waarden van de Bisschopsstraat niet van dien aard zijn, dat de toegelaten bouwhoogte van het hier bedoelde perceel niet aanvaardbaar kan worden geacht. Bij dit oordeel betrekt de voorzitter dat uit ter zitting getoond fotomateriaal kan worden afgeleid dat de historische bebouwing op de Bisschopsstraat reeds in ruimte mate wordt afgewisseld met bouwvolumes als die welke het plan op het hiervoor bedoelde perceel toelaat.
2.4. Gelet op het voorgaande ziet de voorzitter in hetgeen [verzoeker] en anderen hebben aangevoerd geen aanknopingspunten voor de verwachting dat het bestreden besluit in zoverre in de bodemprocedure vernietigd zal worden. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. M. Oosting, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. W.H. Tulmans, ambtenaar van Staat.
w.g. Oosting w.g. Tulmans
voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 29 augustus 2008
381.