Bestuursrecht overig
Bij besluit van 18 juli 2011 heeft het college van gedeputeerde staten aan Staatsbosbeheer Regio Oost een…
Raad van State, 30 maart 2012
ECLI:NL:RVS:2012:BW0752 · Raad van State · 30 maart 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rvs-2012-bw0752
Zaakgegevens
Op 30 maart 2012 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 30 maart 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 201109738/2/A4
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2012:BW0752
Samenvatting
Bij besluit van 18 juli 2011 heeft het college van gedeputeerde staten aan Staatsbosbeheer Regio Oost een vergunning krachtens artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: de Nbw 1998) verleend voor de herontwikkeling en het exploiteren van voormalig zendercomplex Radio Kootwijk. Dit besluit is op 21 juli 2011 ter inzage gelegd.
Uitspraak
201109738/2/A4.
Datum uitspraak: 30 maart 2012
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
de stichting Stichting Werkgroep Milieuzorg Apeldoorn, gevestigd te Apeldoorn,
verzoekster,
en
het college van gedeputeerde staten van Gelderland,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 18 juli 2011 heeft het college van gedeputeerde staten aan Staatsbosbeheer Regio Oost een vergunning krachtens artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: de Nbw 1998) verleend voor de herontwikkeling en het exploiteren van voormalig zendercomplex Radio Kootwijk. Dit besluit is op 21 juli 2011 ter inzage gelegd.
Tegen dit besluit heeft de Stichting bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 1 september 2011, beroep ingesteld. Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 2 maart 2012, heeft de Stichting de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 15 maart 2012, waar de Stichting, vertegenwoordigd door [gemachtigde], en het college van gedeputeerde staten, vertegenwoordigd door M. de Jonge en ing. O.J. Reyntjes, zijn verschenen. Voorts zijn ter zitting Staatsbosbeheer Regio Oost, vertegenwoordigd door mr. J.H.L. Gritter, en het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn, vertegenwoordigd door drs. M.J. van Dooren en H. Groeneveld, als partij gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. Ingevolge artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht kan een voorlopige voorziening worden getroffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
2.3. De Stichting beoogt met het verzoek om voorlopige voorziening de aanleg van het fietspad Burelhul - Dabbelosepad op het voormalig zendercomplex Radio Kootwijk te voorkomen. Volgens haar zorgt dit fietspad voor versnippering van het gebied en heeft het pad een aantrekkende werking op onder meer fietsers, voetgangers en mountainbikers in het gebied, waardoor een brede strook naast het pad ongeschikt wordt voor extreem verstoringgevoelige soorten. Door de versnippering van het gebied is het niet langer geschikt voor grondbroeders, zodat de vergunning in strijd met de Nbw 1998 is verleend, aldus de Stichting.
2.3.1. In het verzoek om voorlopige voorziening stelt de Stichting dat reeds met de uitvoeringswerkzaamheden ten behoeve van de aanleg van het fietspad is begonnen. Ter zitting is gebleken dat het fietspad Burelhul - Dabbelosepad inmiddels is aangelegd. Voorts heeft Staatsbosbeheer onweersproken gesteld dat tot september 2012 geen werkzaamheden in het gebied zullen plaatsvinden. Onder deze omstandigheden bestaat er naar het oordeel van de voorzitter geen onverwijlde spoed die vergt dat, in afwachting van de behandeling van het geding in de bodemprocedure, een voorlopige voorziening wordt getroffen.
2.4. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. T.G. Drupsteen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. E.T. de Jong, ambtenaar van staat.
w.g. Drupsteen w.g. De Jong
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 30 maart 2012
628.