Bestuursrecht overig
De vennootschap heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank. Voorts heeft de…
Raad van State, 23 december 2015
ECLI:NL:RVS:2015:4058 · Raad van State · 23 december 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rvs-2015-4058
Zaakgegevens
Op 23 december 2015 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Gravenhage
- Datum uitspraak
- 23 december 2015
- Datum publicatie
- 30 december 2015
- Zaaknummer
- 201505221/2/A3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2015:4058
Samenvatting
De vennootschap heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank. Voorts heeft de vennootschap de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Uitspraak
201505221/2/A3.
Datum uitspraak: 23 december 2015
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid M-Trex IJmuiden Holland B.V., gevestigd te IJmuiden, gemeente Velsen,
verzoekster,
tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 22 mei 2015 in zaak nr. 13/5133 in het geding tussen:
de vennootschap
en
de minister van Infrastructuur en Milieu.
Procesverloop
De vennootschap heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank. Voorts heeft de vennootschap de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 27 augustus 2015, waar de vennootschap, vertegenwoordigd door mr. J.P.L. Keijzer, en de minister, vertegenwoordigd door mr. W. Autar en H. Keyzer, werkzaam bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, zijn verschenen.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 201505221/1/A3, heeft de Afdeling op het hoger beroep van de vennootschap beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding.
2. Reeds hierom dient het verzoek als ongegrond te worden afgewezen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. P.J.J. van Buuren, als voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. J.J. Reuveny, griffier.
w.g. Van Buuren w.g. Reuveny
voorzieningenrechter griffier
Uitgesproken in het openbaar op 23 december 2015
620.