Bestuursrecht overig

Bij besluit van 18 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Westerveld het bestemmingsplan "Valderse III"…

Raad van State, 26 maart 2025

Zaakgegevens

Op 26 maart 2025 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
26 maart 2025
Datum publicatie
24 maart 2025
Zaaknummer
202405145/2/R3
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1219
E-mail

Samenvatting

Bij besluit van 18 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Westerveld het bestemmingsplan "Valderse III" vastgesteld. Tegen dit besluit heeft Jatin beroep ingesteld. Zij heeft ook de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen. De raad heeft een verweerschrift ingediend.

Uitspraak

202405145/2/R3.

Datum uitspraak: 26 maart 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) in het geding tussen:

Jatin Beheer B.V., Jatin Recreatiebouw B.V. en Jatin Services B.V. (hierna: Jatin), alle gevestigd in Dwingeloo, gemeente Westerveld,

verzoekers,

en

de raad van de gemeente Westerveld,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 18 juni 2024 heeft de raad het bestemmingsplan "Valderse III" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft Jatin beroep ingesteld. Zij heeft ook de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

[belanghebbende] heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

Jatin en [belanghebbende] hebben nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 3 december 2024, waar Jatin, vertegenwoordigd door ing. M. de Graaf, bijgestaan door mr. M.B.W. Litjens, advocaat in Zuidwolde, en de raad, vertegenwoordigd door J.G. Boer en G.J. Bensink, bijgestaan door mr. M.W. van Nijendaal, advocaat in Arnhem, zijn verschenen. Voorts is ter zitting [vennootschap], vertegenwoordigd door mr. F.J.C. van Altena, advocaat in Marken, als partij gehoord.

Overwegingen

1.       Bij uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2025:1218, heeft de Afdeling een tussenuitspraak gedaan op het beroep van Jatin tegen het besluit van de raad van 18 juni 2024. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

2.       De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. A. ten Veen, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. N.D.T. Pieters, griffier.

w.g. Ten Veenvoorzieningenrechter

w.g. Pieters

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 26 maart 2025

473